Filippo Ganna behoort al jaren tot de absolute wereldtop, en niet alleen in het tijdrijden. De indrukwekkende vorm die hij de afgelopen maand heeft laten zien, onderstreept zijn veelzijdigheid en maakt hem een gevaarlijke outsider voor de kasseienmonumenten. INEOS Grenadiers trekt met grote ambities naar de Ronde van Vlaanderen en Parijs-Roubaix, met de Italiaan als een van de speerpunten.
"Filippo is enorm veelzijdig en wanneer hij in topvorm is, kan hij uitblinken in uiteenlopende inspanningen", zegt zijn coach Dario Cioni in een interview met Gazzetta dello Sport.
"Deze winter heeft hij veel consistenter kunnen werken dan in 2023-2024, omdat hij niet te maken had met de seizoensgebonden kwaaltjes die hem het jaar ervoor parten speelden. Daarnaast was zijn grote doel in 2024 om in topvorm te zijn voor de Olympische Spelen in juli en augustus, waardoor hij zichzelf een beetje opofferde in de eerste maanden van het seizoen."
Ganna kende in februari nog een moeizame periode, maar vanaf Tirreno-Adriatico keerde hij het tij volledig. Hij eindigde als tweede in het algemeen klassement na een fenomenale tijdritzege en blonk vervolgens uit op het heuvelachtige terrein. In de koninginnenrit toonde hij een indrukwekkend uithoudingsvermogen. Het was dan ook geen verrassing dat hij vervolgens in Milano-Sanremo met Mathieu van der Poel en Tadej Pogacar kon wedijveren op de Poggio.
"Deze keer lag de focus volledig op Sanremo en Roubaix. Hij is gegroeid en nu een echte kopman in bepaalde eendagskoersen", stelt Cioni.
Dat bleek opnieuw in de E3 Saxo Classic, waar Ganna als enige de aanval van Van der Poel en Mads Pedersen op de kasseien van de Taaienberg kon beantwoorden. Hij reed zich naar een knappe podiumplaats en bewees dat hij niet alleen een tijdrijder is, maar ook een renner die korte, steile beklimmingen moeiteloos verteert.
Met deze indrukwekkende prestaties heeft hij de Ronde van Vlaanderen toegevoegd aan zijn programma, terwijl Parijs-Roubaix wellicht zijn beste kans biedt op een zege in een Monument. "Dat is het doel, en we werken allemaal in dezelfde richting", besluit hij. "In Harelbeke zag ik Van der Poel voor het eerst van dichtbij in een Belgische klassieker. Gewoon indrukwekkend..."