Patrick Lefevere leidt dan wel geen WorldTour-ploeg meer, hij blijft naar het peloton kijken met het oog van iemand die decennia heeft bestudeerd wat de grootste koersen beslist.
En toen het in een recente verschijning in een podcast van La Derniere Heure over
Wout van Aert ging, aarzelde de voormalige baas van Soudal - Quick-Step geen moment. “Ik denk nog altijd dat hij de
Ronde van Vlaanderen of
Parijs-Roubaix kan winnen. Zelfs met
Tadej Pogacar en
Mathieu van der Poel aan de start. Waarom niet?”
Het is een opvallend teken van vertrouwen op een moment dat veel discussie rond Van Aert focust op wat hij deze winter is kwijtgeraakt in plaats van op wat hij nog steeds in huis heeft.
De Belg werkt zich terug na de enkelbreuk die hij opliep in de Zilvermeercross in Mol, een blessure die hem zijn veldritcampagne vroegtijdig deed afbreken en kortstondig vragen opriep over hoe vlot zijn wegvoorbereiding zou verlopen.
Maar Lefevere wil daar niets van weten.
Talent, veerkracht en wat Van Aert al heeft laten zien
Voor Lefevere ligt het bewijs al in wat Van Aert heeft getoond tegen precies de renners die hij dit voorjaar moet kloppen.
“Hij heeft veel pech gehad. Maar hij heeft zoveel talent, en hij is heel sterk,” zei Lefevere. “Wat hij deed in de Tour, op Montmartre. En toen hij Pogacar klopte in de bergen. Hij is fysiek en mentaal heel sterk. Alles wat hij heeft meegemaakt. Chapeau.”
Dat is het deel van Van Aerts profiel dat volgens Lefevere te snel vergeten wordt. Niet de valpartijen. Niet de verstoorde winters. Niet de lijst met wat had kunnen zijn.
Maar het herhaalde bewijs, op de grootste podia van de sport, dat hij het rechtstreeks kan opnemen tegen Pogacar en Van der Poel en er als winnaar uit kan komen.
Van Aert heeft al laten zien dat hij Pogacar kan lossen op steil terrein en Van der Poel kan evenaren in het soort meedogenloze, slopende koersverloop dat de Monumenten definieert. In Lefeveres ogen verdwijnen zulke kwaliteiten niet door één winterse tegenslag.
Het mentale telt evenveel als het fysieke
Voor Lefevere is dit niet alleen een kwestie van benen of vorm. Het draait om perspectief.
Van Aerts recente seizoenen werden evenzeer getekend door tegenslag als door uitslagen. Valpartijen op sleutelmomenten. Verstoorde voorbereidingen. Voortdurende vergelijkingen met Van der Poel en Pogacar. De druk van verwachtingen die hem in elke grote koers vergezelt.
Toch blijft hij, ondanks dat alles, presteren op het hoogste niveau wanneer het er het meest toe doet.
Dat is volgens Lefevere precies waarom het gesprek niet moet vertrekken vanuit wat Van Aert deze winter heeft gemist, maar vanuit wat hij jaar na jaar heeft bewezen. In koersen die neerkomen op kracht, veerkracht en koersinstinct, bezit hij nog altijd alle troeven om te winnen.
En wanneer de Monumenten het punt bereiken waarop alleen de allersterksten nog in aanmerking komen, staat Van Aert precies waar hij zo vaak eerder stond – midden in de strijd.