Toen
Tim Heemskerk Team Visma | Lease a Bike afgelopen winter verliet, was de reactie in het peloton direct en ongemakkelijk. De coach die het nauwst werd gelinkt aan Jonas Vingegaards groei van ruwe diamant tot dubbel Tour de France-winnaar was plots weg, met weinig publieke uitleg behalve vage verwijzingen naar creativiteit en koers.
Voor ex-prof
Thomas Dekker is de reden veel eenvoudiger.
In de podcast Live Slow Ride Fast plaatste Dekker Heemskerks vertrek niet als een crisis, maar als een voorspelbaar gevolg van hoe het systeem bij Visma is opgetuigd.
“Voor een groeiend ego is bij Visma geen plaats,” zei Dekker, wijzend op de langjarige interne filosofie van de ploeg.
Een systeem dat individuen overstijgt
Dekkens kernpunt is dat Vismas succes altijd in structuur geworteld is geweest, niet in persoonlijkheden, hoe invloedrijk die ook worden.
“Heemskerk kwam in 2019 binnen als eigenlijk een niemand,” legde Dekker uit. “Maar door zijn successen met Jonas werd hij heel snel dé trainer. En precies daar kan het botsen met hoe Visma werkt.”
Het interne mantra samen winnen klinkt al jaren bij de Nederlandse ploeg, maar volgens Dekker heeft dat echte consequenties zodra individuele profielen het collectief beginnen te overschaduwen.
“Visma wil dat het team groter is dan wie dan ook,” zei hij. “Als een ego daarbovenuit groeit, past het niet meer in het systeem.”
Die lezing sluit nauw aan op de bredere context van Heemskerks vertrek. Na acht jaar bij de organisatie gaf de performancecoach aan te worstelen met creatieve vrijheid binnen Vismas steeds centraler aangestuurde prestatieraamwerk. Zijn taken, ook rond Vingegaard, werden intern snel herverdeeld.
Vingegaard staat niet boven het systeem
Dekker wilde de situatie niet framen als persoonlijk conflict, maar suggereerde wel dat Vingegaards nabijheid tot Heemskerk zélf deel van het probleem kan zijn geworden.
Podcastco-host
Laurens ten Dam lichtte die dynamiek toe. “Jonas leunde waarschijnlijk te veel op Heemskerk,” zei Ten Dam. “Daardoor hadden andere trainers minder invloed, en dat past simpelweg niet bij hoe Visma wil werken.”
De implicatie is subtiel maar belangrijk. Bij Visma kan zelfs een tweevoudig Tour de France-winnaar de coachhiërarchie niet naar zich toe trekken. Het systeem staat niet ter discussie.
Succes als bron van spanning
Dekker weerlegde ook krachtig het idee dat Heemskerks vertrek wijst op onrust binnen de ploeg. Integendeel, hij stelde dat juist Vismas recente dominantie dit soort wrijving oproept.
“Zonder dit systeem wint Vingegaard nooit twee keer de Tour,” zei Dekker. “Mensen vergeten dat Visma vorig seizoen nog twee Grote Rondes won.”
Kritiek op hoogtestages, strakke planning en centralistische sturing is volgens hem vaak overtrokken.
“Je hoort zeggen dat renners tot hoogtestages worden gedwongen,” voegde Dekker toe. “Maar dat is nu bij elke topploeg zo. En er is meer flexibiliteit dan men denkt. Wout van Aert heeft bijvoorbeeld altijd in België kunnen wonen. Er is ruimte voor individuele wensen.”
Een ploeg die continuïteit boven comfort verkiest
In dat licht past Heemskerks vertrek in een breder patroon, in plaats van eruit te springen. Visma kiest consequent voor langetermijncontinuïteit boven kortetermijncomfort, zelfs als dat betekent dat zeer invloedrijke figuren vertrekken.
De boodschap, zoals Dekker die schetst, is onverbiddelijk: hoe centraal iemand ook staat in het succes, het systeem gaat altijd voor.
In een seizoen dat al
getekend wordt door de plotse stop van Simon Yates, verschuivingen in de sportstaf en hernieuwde kritiek op Vismas werkwijze, voedt Heemskerks exit onvermijdelijk externe verhalen over onrust. Binnen de ploeg oogt de logica echter koeler en doelbewuster.
Bij Visma behoort succes niemand individueel toe, en als die balans kantelt, volgt de reactie snel.