Tadej Pogacar arriveert in
Parijs-Roubaix na opnieuw een statement, maar zelfs na het lossen van
Mathieu van der Poel in de
Ronde van Vlaanderen gelooft niet iedereen dat die vorm overeind blijft op de kasseien in Noord-Frankrijk. Klassiekericoon
Sean Kelly, tweevoudig winnaar van Parijs-Roubaix, ziet een heel andere koers ontstaan.
Een andere uitdaging dan Vlaanderen
Pogacars zege in Vlaanderen volgde een bekend patroon, met herhaalde versnellingen op de hellingen die zelfs de sterkste rivalen geleidelijk braken voor de beslissende demarrage.
Parijs-Roubaix haalt dat element vrijwel volledig weg. “Het is weer een heel ander beest,”
zei Kelly bij TNT Sports, meteen wijzend op de tactische eisen van de koers. “Tactiek is enorm belangrijk, hoe je over de kasseien rijdt, waar je rijdt, en je hebt daar niet die moordende kasseihellingen.”
Zonder die natuurlijke selectiemomenten draait de wedstrijd veel minder om felle, explosieve prikken en veel meer om positionering, veerkracht en constante power op vlakke stroken. “Het is geen gigantisch piekvermogen, het is geleidelijke power over alle kasseisecties,” voegde de negenvoudige Monumentwinnaar toe, om te onderstrepen hoe de aard van de inspanning door de koers heen verandert.
Die verschuiving houdt de deur open voor een bredere groep kanshebbers die diep in de finale overleeft. “Daardoor komen veel meer renners in aanmerking,” vervolgde hij, om uit te komen bij Pogacars belangrijkste beperking. “Voor Tadej is het heel lastig om al die renners die als een deken aan zijn wiel hangen écht kwijt te raken.”
Een koers die anderen in het spel brengt
Datzelfde thema werd opgepikt door TNT Sports-collega Matt Stephens, die Roubaix aanwijst als een koers die het voordeel van een renner die het verschil bergop maakt, van nature verkleint.
“Je trekt het speelveld wat gelijker, zeker als je types als Filippo Ganna in de mix gooit,” zei Stephens, wijzend op hoe de groep favorieten breder is dan in Vlaanderen. “Het ligt beter bij de grotere, zwaardere renners; het draait wat meer om absolute power, en Tadej heeft niet helemaal hetzelfde top-end als die grotere renners, daarom moet hij het op de hellingen doen.”
In Roubaix zijn die hellingen er simpelweg niet om op dezelfde manier te gebruiken.
Stephens keek ook terug naar de editie van vorig jaar om te laten zien hoe die verschillen op de weg uitpakken. “Technisch ook: zoals we vorig jaar zagen, Tadej gooide het niet weg, maar hij werd overklast qua techniek en op de volledig vlakke wegen werd hij geklopt op macht door Van der Poel.”
Van der Poel leidt Pogacar en het peloton op de kasseien in 2025
Een veel spannendere strijd verwacht
Ondanks Pogacars recente dominantie is de verwachting dat Roubaix de verhoudingen weer in evenwicht brengt. “Ik denk dat ze qua vorm heel dicht bij elkaar zitten, volgende week wordt heel, heel spannend,” voegde Stephens toe, met een duidelijk contrast met wat in Vlaanderen te zien was. “Ik denk gewoon dat het een veel closeere strijd wordt.”
Dat beeld sluit aan bij Kelly’s lezing van de koers, waarin de moeilijkheid niet zit in één beslissende aanval, maar in het vaak genoeg herhalen om echt iedereen te lossen.
Waarom Van der Poel nog altijd het voordeel heeft
Kelly’s conclusie weerspiegelt die bredere context en niet enkel de recente uitslagen. “Ik ga voor Mathieu van der Poel,” zei de Ier op de vraag naar zijn favoriet, leunend op ervaring en de specifieke eisen van de koers.
Zelfs na Pogacars zeges in zowel Milano-Sanremo als de Ronde van Vlaanderen, legt Roubaix een ander probleem op tafel.
De hellingen waarmee hij een koers in stukken trekt, maken plaats voor lange, vlakke stroken waar rivalen positie kunnen houden, druk kunnen absorberen en in koers blijven. En in dat decor draait het minder om wie kan aanvallen, en meer om wie overeind blijft als iedereen er nog is.
Voor Kelly blijft dat een scenario dat Van der Poel in het zadel helpt.