Tadej Pogacar heeft dit seizoen al geschiedenis geschreven door Milano–Sanremo te winnen, een van de twee Monumenten die nog op zijn palmares ontbraken. Toch blijft de Sloveen hongerig naar de grote klassiekers, en de volgende dient zich al aan. Zondag 05.04.2026 wacht het volgende doel: de Tour des Flandres 2026 (ook bekend als
Ronde van Vlaanderen), een koers die hij al twee keer won.
Het is geen geheim dat Pogacar meer gemotiveerd is door het winnen van een Monument dan een Grote Ronde. De huidige dubbele wereldkampioen geniet meer van eendagskoersen en probeert over enkele dagen zijn 12e Monument te verzekeren. Een hattrick in de Tour des Flandres zou hem gevaarlijk dicht bij Eddy Merckx brengen in het debat over de grootste aller tijden.
Zelfs als titelverdediger weet Tadej Pogacar dat winnen in deze Tour des Flandres 2026 geen eenvoudige opdracht wordt. De breedte aan tegenstand richting België’s kassei-Monument is indrukwekkend:
Mathieu van der Poel,
Wout van Aert, Mads Pedersen, Arnaud de Lie, Paul Magnier, Romain Gregoire, Matthew Brennan, Biniam Girmay, Christophe Laporte...
De lijst blijft maar doorgaan. Daarom kiest dit artikel vijf kopstukken van de Tour des Flandres 2026 met de grootste kans om Pogacar van een derde kroon te houden. Wie zijn de sterkste bedreigingen voor de ster van UAE Team Emirates XRG? Dit zijn enkele renners die de zeges van de Sloveen het meest in gevaar kunnen brengen.
1. Mathieu van der Poel
Logischerwijs is de sterkste rivaal op de lijst geen verrassing. Mathieu van der Poel, Pogacars grote nemesis in de Monumenten, is opnieuw zijn belangrijkste obstakel. In feite is hij ook een van de slechts twee renners die hem realistisch gezien kunnen lossen. Zoals altijd liggen de sleutels bij de Oude Kwaremont en de Paterberg.
Vorig jaar, in de Tour des Flandres 2025, plaatste Pogacar meerdere aanvallen. De beslissende demarrage kwam op 19 kilometer van de meet, op de laatste passage van de Oude Kwaremont, waar hij er eindelijk in slaagde om de Nederlander, Wout van Aert, Mads Pedersen en Jasper Stuyven te distantiëren, die op dat moment tot de kopgroep behoorden.
Van der Poel kleurde die Ronde eveneens met verschillende aanvallen, ondanks een vroege val op 126 kilometer van de finish. Maar in 2025 kwam hij na winst in een Milano–Sanremo waar hij dit jaar vragen opriep door het wiel van Pogacar op de Poggio te verliezen. Het goede nieuws is dat hij zich herpakte met winst in de E3 Saxo Classic, wat de basis legt voor een prikkelend duel.
2. Wout van Aert
Op twee staat Wout van Aert, die in uitstekende vorm aan de start komt. De Belg werd derde in Milano–Sanremo, gewonnen door Pogacar, en was vervolgens de enige renner die Mathieu van der Poel kon volgen in een Ronde-opwarmer in Vlaanderen waar hijzelf minuten eerder had aangevallen. Het peloton haalde beiden in op 1 kilometer van de streep, maar de indrukken van de Visma | Lease a Bike-kopman waren uitstekend.
En, zoals hierboven aangehaald, Van Aert behoorde tot de weinigen die vorig jaar de meeste versnellingen van Pogacar in de Tour des Flandres overleefden, en hij hield gelijke tred met Van der Poel diep in de finale. Ter bekroning dropte hij Pogacar zelf om etappe 21 van de Tour de France 2025 te winnen, op Montmartre, in een scenario dat sterk op Vlaanderen lijkt. Kan hij dat herhalen?
3. Mads Pedersen
Het niveau van Pogacars topdrie rivalen is buitencategorie, met Mads Pedersen die sinds zijn terugkeer uit blessure almaar sterker oogt. Hij voegde een vierde plek in Milano–Sanremo toe en opnieuw een top 10 in de E3 Saxo Classic. Daar werd hij ook niet tot de topfavorieten gerekend, maar na bijna twee maanden zonder koers tot La Classicissima was hij meteen weer mee in de strijd.
Zijn klasse is onmiskenbaar, net als het feit dat hij, samen met Van der Poel en Van Aert, tot de laatsten behoorde die vorig jaar wijken moesten voor Pogacar in de Tour des Flandres. Nu de blessure verder achter hem ligt en er tijd is geweest om volledig kracht terug te winnen, zal de Sloveen ongetwijfeld serieus rekening houden met de Deen. Als hij hem niet kan lossen, wordt hem kloppen in een gereduceerde sprint aan de streep zeer lastig.
Mads Pedersen, een Lidl-Trek-kopman
4. Arnaud de Lie
Tijd voor de meer “outsider”-bedreigingen. Het is duidelijk dat de grootste gevaren voor Pogacar de drie bovenstaande namen zijn, maar Monumenten leveren vaak een “onverwachte” protagonist op, en Arnaud de Lie heeft veel troeven voor die rol.
De Belg komt van een 4e plek in Middelkerke - Wevelgem, waar noch Mathieu van der Poel noch Wout van Aert de zege konden grijpen. Zijn beste kans hangt af van aanhaken bij de eerste groep wanneer de koers breekt onder versnellingen van de topfavorieten. Lukt dat niet, dan kan hij hopen op hergroepering vanuit een achtervolgende groep, zoals eerder in deze wedstrijd gebeurde, meest recent in 2024 waar een sprint met verrassende namen het podium bepaalde.
5. Paul Magnier
Met dat scenario in het achterhoofd komen we bij de laatste van Pogacars vijf sleutelrivalen voor de Tour des Flandres 2026. Verschillende namen passen hier: Biniam Girmay, Romain Gregoire, Soren Waerenskjold, Mauro Schmid... Maar het is “even” geleden dat we van een zege van Paul Magnier genoten, en de Wolfpack wil op zo’n groot podium zeker een deuk slaan.
Voor Paul Magnier zijn de kansen vergelijkbaar met de twee scenario’s die voor Arnaud de Lie zijn geschetst. Bovendien jaagt Soudal Quick-Step nog altijd op de eerste WorldTour-zege van het seizoen. De Fransman schonk hen er twee in de Volta ao Algarve, maar dat waren 2.Pro-koersen en inmiddels ruim een maand geleden. Als hij in de kopgroep de finish bereikt, zullen weinigen hem in een sprint kloppen.
Met Dylan van Baarle en Jasper Stuyven beschikt de ploeg niet alleen over veel ervaring maar ook kwaliteit, al is het geen opstelling die bergop het verschil kan maken. Dat kan ertoe leiden dat ze hun ambities bijstellen en de Fransman ondersteunen om de Vlaamse wegen te overleven en dan te sprinten in Oudenaarde.