Heel even op de Molenberg leek het alsof
Omloop Het Nieuwsblad 2026 aan
Florian Vermeersch zou toebehoren.
De
UAE Team Emirates - XRG-renner forceerde de move, ging vroeg vol in het rood en zat samen met
Mathieu van der Poel vooraan. Het was de beslissende scheur van de middag. Daarachter heerste complete chaos.
En toch stond Vermeersch bij de streep in Ninove als derde op het podium.
Niet teleurgesteld. Niet gelaten. Maar realistisch. “Ik heb de beelden net gezien. Typisch Mathieu,” zei Vermeersch achteraf, terugblikkend op Van der Poels onwaarschijnlijke redding tijdens de valpartij op de Molenberg,
in uitspraken gemeld door Sporza. “Dat had ik zelf niet gekund.”
Van tegenslag naar momentum
De koers van Vermeersch verliep allerminst vlekkeloos. “In de eerste helft had ik het lastig na een val en een fietswissel,” legde hij uit. “Ik ontsnapte nog een paar keer nipt aan een smak, en ik had het gevoel dat ik aan de verkeerde kant van het peloton zat.”
De omstandigheden waren de hele middag verraderlijk. Zijwind trok het peloton herhaaldelijk uit elkaar. De kasseien waren spekglad. Positie was alles.
Vermeersch stuurde bij. “Ik zei tegen mezelf dat ik niet meer uit de eerste twintig posities wilde vallen, want je wint de koers van voren. Op de Molenberg wilde ik absoluut als eerste opdraaien, en boven zouden we zien wat de schade was.”
Hij deed meer dan de schade opmeten. Hij veroorzaakte die.
Toen het peloton de Molenberg opdraaide, joeg Vermeersch het tempo de hoogte in. Achter hem ging het liggen. Van der Poel bleef op wonderbaarlijke wijze recht, sprong weg en dichtte het gaatje. Tim van Dijke sloot even later aan, waardoor het trio ontstond dat de finale zou bepalen.
“Ik was even verrast toen Mathieu en ik met z’n tweeën weg waren, maar ik twijfelde geen seconde,” zei Vermeersch. “Je krijgt niet veel van zulke kansen, dan moet je ze pakken.”
Op dat moment lag de koers weer wagenwijd open.
“Natuurlijk dacht ik aan winnen, maar vooral wilde ik koersen zonder spijt. Dat heb ik gedaan. Er is geen schande aan dat Mathieu de sterkste is.”
De Muur en de misser
De beslissende klap viel op de Muur van Geraardsbergen.
Van der Poel demarreerde hard op de kasseihelling. Vermeersch probeerde te reageren, maar kreeg precies op het verkeerde moment pech. “Ik wilde naar het binnenblad schakelen, maar mijn ketting blokkeerde even. De krampen schoten erin en ik kreeg het gaatje niet meer dicht.”
Het was de kier die Van der Poel nodig had. Bovenop had de Nederlander meteen ruimte. De Bosberg vergrootte die alleen maar. “Dat is een beetje jammer, maar Mathieu was toch de sterkste. Het verschil was misschien iets kleiner geweest, maar het is wat het is. Het had de uitslag niet echt veranderd.”
Achter Van der Poel lag het podium nog open. Vermeersch en Van Dijke bleven tot op de laatste kilometers doorbeuken, reden weg van de verbrokkelde achtervolgers en verzekerden zich van plek twee en drie achter de solowinnaar.
Voor Vermeersch voelde plek drie helder, niet frustrerend. “Ik kan leven met het resultaat, maar nog meer met het gevoel. Ik kwam hier om te winnen en heb al mijn kaarten op tafel gelegd. Ik ben tevreden over mijn koers.”
Hij viel vroeg aan. Hij nam risico’s. Hij brak de koers open. Hij ging man-tegen-man met de sterkste renner ter wereld op terrein dat overtuiging beloont.
Deze keer was die renner Van der Poel. En zoals Vermeersch met een wrange glimlach toegaf na het terugkijken van de beelden, soms bots je gewoon op iets uitzonderlijks. Typisch Mathieu.