“Recht het gras in” – Pavel Bittner over hoe Parijs-Roubaix voelt voor de doorsnee renner

Wielrennen
vrijdag, 01 mei 2026 om 14:00
Pavel Bittner
Paris-Roubaix is een meedogenloze koers. Voorin steken renners als Tadej Pogacar en Mathieu van der Poel jaarlijks de lont aan, maar voor de meesten is het overleven. Toch draait deze wedstrijd niet alleen om de benen, maar vooral om geluk. Valpartijen en materiaalpech vermijden helpt enorm in de jacht op een goed resultaat, maar weinigen lukt dat. Pavel Bittner van Team Picnic PostNL blikt terug op zijn eigen Hel van het Noorden.
De sprinter startte als kopman voor de Nederlandse ploeg, maar haalde de finish niet. John Degenkolb werd als beste ploeggenoot 31e.
“We doken de eerste stroken in vanaf prima posities en ik was echt blij, want ik verspeelde geen energie. Ik zat constant van voren, ik hoefde geen gaten te dichten.” In een interview met Domestique belandde de Tsjech niet veel later in de ware chaos van Roubaix.
“Er hingen van die banners van een zonnebrillenmerk, recht het gras in. Ik rolde erin, dacht: oké, ik red dit, ik kom terug – en toen pakte het gewoon mijn voorwiel.” Met felle positioneringsduels, smalle kasseistroken en voortdurend materiaalpech liggen er talloze obstakels op de weg voor renners midden in het peloton.
Bittner ging onderuit en nam direct de fiets van een ploeggenoot. Maar nadat hij terrein had verloren op het peloton en vervolgens op het verkeerde moment lek reed, was zijn koers figuurlijk gedaan. Kort daarna was het letterlijk voorbij toen hij in de bezemwagen stapte.

Met een busje naar Roubaix

In Roubaix raken veel renners vroeg achterop door het onvoorspelbare karakter van de koers. Terwijl ploegauto’s opschuiven achter hun kopmannen, blijven anderen zonder assistentie achter als ze een wielwissel of hulp bij een incident nodig hebben.
De hardheid van de wedstrijd maakt een vroegtijdige opgave logisch als je geen rol meer hebt voor de ploeg. De bezemwagen rijdt achter de koers en verzamelt renners die willen afstappen.
“Dit jaar zat het busje echt vol. Het leek wel een peloton gesneuvelden. Er zaten jongens van alle ploegen in, je maakt een praatje, het is eigenlijk best grappig, je gaat daar niet zitten huilen,” herinnert hij zich. “De ploeg steunt je, want ze snappen hoe het werkt. Als de koers niet perfect loopt en je valt, dan is dat zo. Uiteindelijk had ik een week zonder fiets om me voor te bereiden op de tweede seizoenshelft.”
Dit was Bittners vierde Roubaix, maar zeker niet zijn laatste. “Zeker. Ik wil een koers rijden die verloopt zoals ik wil, waarin ik alles geef en dan zie wat het oplevert. Het is een wedstrijd die ik elk jaar moet doen.” Het is een race die angst en spanning oproept, maar misschien wel de uniekste op de professionele kalender is – zeker op dit niveau. Als renner met potentie voor deze klassieker koestert de Tsjech de Hel van het Noorden.
“Soms voelt het alsof je die kasseien opdraait en meteen iets met je fiets hebt. Dan denk je: misschien is kasseiwerk niets voor mij, blijf ik wel bij de stuitermerken. En na de koers denk je dan weer: volgend jaar probeer ik het nog één keer,” grapt hij. “Het is een gekke. Het is goed dat je kortetermijngeheugen niet het sterkste is. Gelukkig vergeet je hoe veel pijn je had.”
Claps 0bezoekers 0
loading

Net Binnen

Meest Gelezen

Loading