“Mathieu reed alleen 38 km/u, terwijl de hele ploeg zo’n 33 km/u reed…”: voormalig coach over Van der Poels trainingsaanpak

Wielrennen
donderdag, 19 februari 2026 om 11:15
van-der-poel-pogacar
Het valt niet te ontkennen dat het hedendaagse wielrennen twee supersterren kent die boven iedereen uitsteken: Tadej Pogacar en Mathieu van der Poel. Sinds de Ronde van Lombardije 2023 heeft alleen Van der Poels ploeggenoot Jasper Philipsen een Monument gewonnen (Milano-Sanremo 2024), met aanzienlijke hulp van de Nederlander. Dat laat geen twijfel over de overrompelende hegemonie van het duo in eendagskoersen.
“Van der Poel, natuurlijk,” zei zijn voormalige coach bij Alpecin, Michel Cornelisse, in de podcast De Grote Plaat op de vraag welke renner hij aan zijn voorjaarsteam zou toevoegen als hij vrij kon kiezen. “Niet alleen een geweldige renner, maar ook een fantastisch mens. Hij is gewoon een heel normale jongen. Over de anderen (Pogacar, Van Aert, enz.) denk ik trouwens hetzelfde.”
Naast Tadej Pogacar is Van der Poel de actief rijdende renner die het dichtst bij het winnen van alle Monumenten staat. Hij heeft er al drie op zijn palmares (3x Roubaix, 3x Vlaanderen, 2x Sanremo). De volgende ambitie kan Luik-Bastenaken-Luik zijn, want Il Lombardia lijkt op dit moment het speelterrein van Pogacar (vijf opeenvolgende zeges).
“Dat zou al prachtig zijn voor zijn erelijst. Ik denk dat hij daar zeker voor gaat,” zei de Nederlander over de mogelijke gooi naar winst van zijn landgenoot in La Doyenne. Die koers werd de voorbije twee jaar ook door Pogacar gedomineerd, maar Van der Poel is niet zonder kansen met zijn 3e plaats in 2024 bij zijn tweede deelname.

Het geheime wapen van buitenaardsen

Wat is de sleutel tot het succes van Van der Poel? Zit het geheim in zijn compacte wedstrijdprogramma? Cornelisse erkent dat Van der Poel (en Pogacar) door minder te koersen op de belangrijkste dag 100 procent kunnen geven, zonder energie te “verspillen” in voorbereidingskoersen met een verhoogd valrisico.
“Het is misschien juist zijn kwaliteit dat hij pas start als hij 100 procent is. Dat hij weinig koerst, maar veel wint.” In zekere zin gaat dat ook op voor Tadej Pogacar. “Dat soort jongens gaat niet ergens heen met de gedachte: ‘Misschien kan ik winnen.’ Ze gaan erheen met: ‘Ik kan winnen.’”
Cornelisse is dus vol lof over Pogacar. “Ik denk dat hij er zeker naar op weg is om de eerste renner te worden die alle klassiekers wint. Ik denk dat hij dat kan.” Maar dan moet hij wel afrekenen met MVDP, die Pogacars opmars zowel in Milano-Sanremo als in Parijs-Roubaix eerder al afstopte: “Hij loopt nog vaak tegen Van der Poel aan, die een iets betere eindsprint heeft dan hij. Dat maakt het altijd lastig.”

Onmenselijke cijfers

Nog niet zo lang geleden zagen we Pogacar een solo training van 3 uur afwerken met een gemiddeld vermogen van 300 watt. Om dat te evenaren, zijn de trainingen van Van der Poel vaak even intens, zo niet zwaarder. Cornelisse haalt dan een anekdote op uit zijn verleden.
“Ik sprak ooit met Planckaert (ploeggenoot van Van der Poel, red.). Ze zaten toen in Calpe. Mathieu reed in zijn eentje 38 km/u, en de hele ploeg reed ongeveer 33 km/u… Binnen 8 uur had Mathieu meer dan 30 kilometer op hen vooruit gereden,” legt Cornelisse de ongelooflijke trainingsarbeid van MVDP uit.
“Ik heb het zelf meegemaakt vroeger met Jelle Nijdam [winnaar van de Amstel Gold Race en zes Touretappes, red.]. Hij trainde als een beest, en ik zat precies in zijn wiel… hij won de klassiekers, en ik won de kermiskoersen,” besluit de voormalige winnaar van Nokere Koerse.
Claps 0bezoekers 0
loading

Net Binnen

Meest Gelezen

Loading