“Ik dacht dat het een motor was… het was Tadej Pogacar” – ploeggenoot van Van der Poel verbijsterd door snelheid van wereldkampioen in Vlaanderen

Wielrennen
dinsdag, 07 april 2026 om 16:30
pogacar-tour-de-flandes-2026-1262204525
De overwinning van Tadej Pogacar in de Ronde van Vlaanderen is al gekaderd in uitslagen en dominantie. Wat in de dagen erna blijft doorsijpelen, is hoe die prestatie binnen de koers zelf aanvoelde.
Voor wie er middenin zat, leek het niet altijd op een normale wielerwedstrijd. Onder hen Alpecin-Premier Tech-renner Florian Senechal, ploegmaat van Mathieu van der Poel, die zich vooraan bevond toen de koers op de hellingen brak. Wat daarna volgde, had hij niet eerder meegemaakt.

“Zoiets heb ik in mijn leven nog nooit gezien”

Senechal bungelde niet achteraan toen hij Pogacar voor het eerst zag langskomen. Hij zat goed gepositioneerd, tussen enkele van de sterkste namen in de koers, en voelde zich in controle toen het tempo opliep.
“Het was indrukwekkend,” zei hij in gesprek met Eurosport. “Ik zat goed met mijn ploeg. Ik volgde Christophe Laporte en Remco Evenepoel, ik voelde me comfortabel, en ineens zag ik iets rechts voorbijschieten. Ik dacht dat het een motor was en ik stond klaar om te roepen.”
Wat het moment extra hard deed binnenkomen, was niet alleen de snelheid zelf, maar de context eromheen. Senechal benadrukte dat de groep al vol aan het gaan was, met renners als Laporte en Evenepoel die hun positie hielden en sterk reden, en toch kwam Pogacar tegen de wind in iedereen voorbij.
“Maar nee, het was Tadej die de helling opging, en die kwam voorbij aan een snelheid… zoiets heb ik in mijn leven nog nooit gezien, en ik heb veel gezien in mijn carrière,” zei Senechal, waarna hij het contrast schetste. “Toen ik hem zo voorbij zag knallen, terwijl wij al vol aan het rijden waren… Voor mij reden sterke renners als Laporte en Remco goed, maar ze schoven niet op. Tadej kwam echter iedereen voorbij in de wind, als een motor. Dat is het verschil.”

Een waarschuwing voor wat nog zou komen

Het moment viel ruim voor de laatste Oude Kwaremont, maar gaf al weg hoe de koers uiteindelijk beslist zou worden. Toen Pogacar later zijn winnende demarrage plaatste, eerst Wout van Aert en Remco Evenepoel losrit en vervolgens definitief afstand nam van Mathieu van der Poel, volgde het hetzelfde patroon dat Senechal eerder had gezien: renners op of over hun limiet, en Pogacar die toch nog een extra niveau vond.
Daardoor voelde de aanval in de finale minder als een plotselinge doorbraak en meer als de eindconclusie van iets wat de hele dag zichtbaar was.

Niet ontmoedigend, wel definitief

Senechal romantiseerde het achteraf niet, en noemde het ook niet verpletterend, zoals sommigen in het peloton deden. “Nee, het is gewoon dat er geen vergelijking is, dat is alles, zo is het.”
Die zin vangt wellicht beter dan grote statements de huidige indruk rond Pogacar. In Milano-Sanremo toonde hij al dat hij afscheiding kan forceren in een koers die dat zelden toelaat. In Vlaanderen herhaalde hij dat patroon op terrein dat de sterkste renner blootlegt, maar deed het met een mate van gemak die zelfs doorgewinterde profs overrompelde.

Het verschil, gezien van binnenuit de koers

Voor Van der Poel en zijn ploeg eindigde de dag met opnieuw een podium en opnieuw een wedstrijd gevormd door Pogacars versnellingen. Voor Senechal bleef er iets concreters hangen: een helder beeld van hoe die kloof er nu uitziet wanneer je er middenin zit.
Niet alleen in uitslagen, niet alleen in tijdsverschillen, maar in het zicht van één renner die langs een groep op volle snelheid raast alsof hij tot iets heel anders behoort.
Claps 0bezoekers 0
loading

Net Binnen

Meest Gelezen

Loading