Terwijl
Remco Evenepoel de headlines pakte met een fenomenale zege in de
Amstel Gold Race, na een sprint tegen
Mattias Skjelmose, voltrok zich bijna twee minuten verderop een totaal andere uitputtingsslag. In de strijd om de laatste podiumplaats wrongen onder meer de Belgische talenten
Emiel Verstrynge en
Mauri Vansevenant zich door de pijn. Ze grepen naast de absolute topprijzen, maar kwamen volledig leeg over de streep en toch bijzonder tevreden met hun heroïsche inspanning.
“Ik ben heel blij, want ik moest héél diep gaan. Die vijfde plek was het zeker waard,” gaf Verstrynge toe in een
interview na afloop. “Ik had een moeilijk moment op de Keutenberg en die achtervolging heeft er echt ingehakt. Daarna had ik het opnieuw lastig op de Cauberg, maar gelukkig kon ik dat rechtzetten. Ik ben hier zeker tevreden mee, en de sterkste heeft gewonnen.”
Geen benen meer om aan te vallen
Naast Verstrynge zat in dat elitegroepje achtervolgers ook Mauri Vansevenant. Toen hij de finish passeerde, stond de pure uitputting op zijn gezicht te lezen.
“Iedereen was compleet kapot,” stelde Vansevenant nuchter. “Het was een sprint van stervende zwanen. Iedereen zat op het einde op de limiet, ook door het weer. Op deze wegen wordt de koers dan extra nerveus.”
Jorgenson en Artz gingen hard onderuit in de poging om Evenepoel te volgen
De laatste beklimming van de Cauberg is traditioneel het perfecte lanceerplatform voor late demarrages, maar dit jaar heerste achter Evenepoel en Skjelmose pure overleving. Vansevenant legde uit dat elk spoortje tactisch spel volledig stilviel op de mythische klim, omdat niemand in de groep nog over het vermogen beschikte om te versnellen.
“Ik moest zelf gaan zitten op de Cauberg, en iedereen keek gewoon naar elkaar. Niemand had nog de benen om iets te ondernemen,” aldus Vansevenant over de slopende slotkilometers. “Ik zat in een mooi groepje en toonde dat mijn benen in orde waren. Ik kwam net tekort voor het podium. En met Remco hebben we inderdaad de verdiende winnaar.”