Matteo Trentin is alweer terug in België. Voor de vijftiende keer sinds hij prof is begint de Italiaan aan de noordelijke klassiekercampagne, na een trip vanuit München, waar het bijna 20 graden was, naar een heel ander decor in Harelbeke, met voorspellingen van amper 11 graden voor de E3 Saxo Classic.
De renner erkent dat de spanning van de eerste keren weg is, al blijft hij dit soort koersen waarderen. Met een knipoog geeft hij toe dat hij liever goed weer heeft en laat hij de epische beelden in regen en modder aan de jongeren. Hoe dan ook komt hij voorbereid aan de start, gesterkt door zijn derde plaats in Kuurne-Brussel-Kuurne en de negende stek in Milaan-Sanremo.
Trentin toont zich tevreden over zijn vorm, maar blijft nuchter bij het huidige, extreem hoge niveau. “Ik begin zeker niet ontevreden, maar ik blijf met beide voeten op de grond. Er zijn nu renners die, wat je ook doet, niet verliezen en niet lossen, zelfs niet als ze vallen. Om bij hen te blijven heb je een speciale dag nodig.”
De Italiaan benadrukt dat koersen tegen dat niveau ook vraagt om doseren. “Het is niet onmogelijk, je start nooit met het idee dat je geen kans hebt, maar je moet weten wanneer je het gas moet lossen. We hebben veel renners gezien die ontploften door te proberen mee te gaan.”
Het tijdperk van de dominatoren
De aanwezigheid van grote namen maakt in deze koersen het verschil. Trentin trekt een parallel met andere periodes in het wielrennen. “Om te winnen moet je de koersen rijden, anders zouden alleen zij starten. Vroeger was er Sagan die keer op keer de groene trui in de Tour won. Nu zijn het renners als Van der Poel of Pogacar die geschiedenis schrijven.”
In dat opzicht denkt hij dat zijn generatie zich zal herinneren dat ze tegen figuren als Mathieu van der Poel en Tadej Pogacar heeft gekoerst, en hij voegt zelfs Wout van Aert toe als blessures hem niet op verschillende momenten hadden afgeremd.
Een favoriete koers aanwijzen doet Trentin liever niet. Elke wedstrijd heeft volgens hem een eigen identiteit, al licht hij Harelbeke eruit als een soort “mini-Ronde” die iets opener is.
Hij wijst ook op de onzekerheid in wedstrijden als Gent-Wevelgem, zeker door de wind, en merkt op dat het parcours dit jaar vernieuwingen bevat die het gebruikelijke koersverloop kunnen veranderen. “De finish is dezelfde, maar de start is anders. Er komen nieuwe wegen en minder referentiepunten, dus het wordt voor iedereen een vraagteken.”
Matteo Trentin is een van de meest ervaren renners van het peloton
Een door uitval geteisterd Tudor
Binnen
Tudor Pro Cycling Team zal Trentin het leiderschap opnemen in de klassiekers, al kreeg de ploeg stevige tegenslag te verwerken. De afwezigheid van Stefan Küng sinds de eerste wedstrijd heeft de structuur geraakt. Toch kan hij rekenen op steun van onder anderen Pluimers en Luca Mozzato, tweede in Kuurne en recent vijfde in de Ronde van Brugge.
Terugkijkend op zijn loopbaan reflecteert Trentin op zijn vertrek bij Quick-Step na zijn eerste opvallende resultaten. Hij vindt zijn evolutie positief, ondanks de veranderingen die de ploeg zelf door de jaren heen doormaakte.
Hij herinnert zich zijn passage bij andere teams, waar hij ook belangrijke uitslagen behaalde, al erkent hij dat in ploegen met grote kopmannen zoals Pogacar het collectieve werk vaak de individuele prestaties overschaduwt. Over de huidige staat van het Italiaanse wielrennen in de klassiekers vindt Trentin het lastig één duidelijke referentie aan te wijzen.
Hij noemt Alberto Bettiol, winnaar van de Ronde van Vlaanderen, al ontbrak het aan regelmaat in de resultaten, en ook Filippo Ganna, in wie hij potentieel ziet als hij resoluut voor dit type koersen kiest. “Hij heeft het niveau, maar hij moet beslissen of hij deze wedstrijden echt leuk vindt, want ze zijn mentaal zeer veeleisend. Zonder motivatie worden ze nog zwaarder.”
Opgebouwde ervaring op het kasseienwerk
Na 15 jaar in het peloton vindt Trentin dat hij geen lange verblijven in België meer nodig heeft om zich voor te bereiden. “De fietsen zijn enorm verbeterd en veel stabieler op de kasseien. Een neoprof zou ik aanraden langer te blijven, maar ik ken deze wegen inmiddels beter dan veel locals.”
Sterker nog, na zijn geboortestreek en München kent hij het gebied rond Kortrijk, Gent, Oudenaarde en Ronse het best.
Ondanks de zwaarte van de kalender waardeert de Italiaan ook de balans met het privéleven. Met de Ronde van Vlaanderen gevolgd door paasmaandag geeft Trentin toe dat terug naar huis keren om bij zijn gezin te zijn ook een drijfveer is.
Genieten van die tijd met zijn kinderen, zelfs met iets eenvoudigs als het delen van een chocoladedoosje, maakt deel uit van een routine die, na jaren ervaring, steeds belangrijker wordt.