Tom Pidcock maakte deel uit van INEOS Grenadiers van 2021 tot 2024 en hoewel hij veel bereikte, is zijn regelmaat nu naar een ongekend niveau gestegen bij Pinarello Q36.5 Pro Cycling Team en rijdt hij op zijn hoogste niveau ooit. Het is het tegenovergestelde van de traditionele evolutie in de sport, maar wel een met duidelijke redenen, zoals ploegleider
Doug Ryder uitlegt.
“Tom heeft onze hele organisatie verbeterd. Met Q36.5, met Pinarello, met al onze partners, drijft hij hen tot het uiterste om de concurrentie te overtroeven met innovatie, maar zodra het product klaar is, zorgt hij ervoor dat elke renner in de ploeg het krijgt, omdat Tom weet dat zijn succes pas telt als alle 30 renners in de ploeg ervan profiteren,” vertelt teammanager Doug Ryder in een interview met
Domestique. “Dat zie ik zelden bij leiders in de sport en in het wielrennen, maar hij voelt zich verantwoordelijk om een leidende rol te nemen en zo het geheel van de ploeg te ondersteunen.”
Pidcock stapte in 2025 over naar de Zwitserse ploeg met de belofte van vrijheid en leiderschap. De Brit verzilverde dat snel met meerdere vroege seizoenszeges; een duel met Tadej Pogacar in Strade Bianche; en een doorbraak in een Grote Ronde, waar hij voor het eerst op het podium eindigde. Dat was het resultaat van de ruimte en zelfstandigheid die hij kreeg bij een ploeg die voor een renner van zijn niveau eerder als bescheiden gold. Maar juist die vrijheid om zijn eigen plan te trekken bleek cruciaal.
“Ik denk dat hij dat bij andere ploegen niet had gekund. Hij had daar niet die vrijheid en dat vertrouwen, en die twee dingen zijn belangrijk voor Tom,” stelt Ryder. Dat was uiteindelijk het geval bij INEOS, waar in de Grote Rondes vaak werd gekoerst in functie van een vaste klassementskopman en rondom de ‘bergtrein’-tactiek.
Bovendien zou het combineren van zijn ambities op de weg met veldrijden en mountainbiken extra druk geven, omdat de ploeg op alle niveaus de weg prioriteerde. “In deze ploeg heeft hij die vrijheid en verantwoordelijkheid kunnen pakken die we hem gaven, en hij heeft die volledig omarmd.”
Een totaal andere ploeg
Pidcock rijdt een verbluffend seizoen en dat heeft de Zwitserse ploeg enorm versterkt. “Een renner als Tom Pidcock aantrekken was een absolute buitenkans, want hij nam een weloverwogen risico door naar ons te komen. We waren uiteraard eerder een WorldTour-ploeg [als Qhubeka], maar het bleef een risico, en hij nam een beslissing die bepalend zou zijn voor zijn carrière.”
Met een sterke kopman en een structuur op WorldTour-niveau waren zelfs gevestigde WorldTour-leiders niet bang om de overstap te wagen. De transfermarkt werd een schot in de roos met aanwinsten als Sam Bennett, Eddie Dunbar, Chris Harper, Fred Wright, Brent van Moer, Tom Gloag, Quinten Hermans en meer…
Plots werd de ploeg een zeer aantrekkelijk alternatief en staat ze, zo kun je stellen, boven het niveau van meerdere WorldTour-structuren. “De tijden dat we zelf aan deuren moesten kloppen, zijn voorbij. Nu zijn er veel renners die ons benaderen om te kijken of er een kans is, en dat is mooi.”
Tour de France de logische keuze
De ploeg sprokkelde ook genoeg UCI-punten voor een automatische wildcard voor alle WorldTour-koersen, een totaal andere uitdaging dan voorheen. “Het was een lastig seizoen om te plannen, en ik denk dat zijn klassement in de Giro mogelijk werd ondermijnd doordat hij in het vroege seizoen zoveel moest koersen om een wildcard te verdienen. Maar in de Vuelta heeft hij uiteraard laten zien dat hij een drieweekenspecialist is als hij daar zijn zinnen op zet.”
Pidcock rijdt een volle lente met Omloop Het Nieuwsblad, Strade Bianche, Milano-Torino, Milano-Sanremo, de Volta a Catalunya en alle vier de Ardense klassiekers. Daarna volgt hij de voorbereiding richting de Tour de France, die hij sinds 2024 niet meer reed. Na de mislukte Giro van vorig jaar door een eveneens drukke kalender, was de keuze voor de Grand Boucle logisch.
“De Tour is de Tour, dus als hij vroeg kansen kan nemen en een etappe kan winnen, dan zal hij dat doen. Wat ik mooi vind aan Tom is dat hij in een ploegbespreking nooit wil horen: ‘ons doel is om geen tijd te verliezen.’ Tom wil koersen, en als je naar de Vuelta kijkt, reden we élke dag aanvallend.” De Franse ronde kan dus rekenen op nog een ploeg die het peloton wil doen ontploffen.
Het hoofddoel wordt een etappezege, maar met het klassement in het achterhoofd, zoals in de Vuelta. “Voor de Tour staat de klassementsambitie natuurlijk in het plan, maar het is niet de enige focus. Tom wil winnen, dat zagen we in de Vuelta. Als er een etappe is die hem ligt, gaat hij ervoor. En als hij het overleeft en een sterk klassement kan rijden, dan gaat hij daar uiteraard ook voor.
“In de Vuelta zeiden we: top 10 is het doel en top vijf de droom, en we eindigden op het podium, wat ons compleet overdonderde,” besluit hij. “Dus voor de Tour: we zullen zien wat er gebeurt. We grijpen onze kansen waar we kunnen.”