Etappe 3 van de Etoile de Besseges eindigde in een gereduceerde sprint, nadat een meedogenloos agressief laatste uur pas binnen de laatste 15 kilometer weer samenklapte. Dat schiep het decor voor
Henri Uhlig van
Alpecin-Deceuninck, die een spectaculaire eerste profzege uit zijn carrière boekte.
Eerder werd de rit gekleurd door een grote kopgroep die nooit meer dan een minuut kreeg, terwijl het peloton op de klimmetjes en onder aanhoudende druk de koers herhaaldelijk deed breken. In de laatste 30 kilometer vlogen de aanvallen uit alle richtingen, met ploegen vastbesloten om een passieve hergroepering te voorkomen.
Sloopwerk voor de hergroepering
In het laatste wedstrijddriedeel begon het tempo echt pijn te doen. Renners vielen gestaag van achteren, het peloton trok in een lang lint, en de vroege vlucht spatte volledig uit elkaar onder herhaalde versnellingen.
Kort daarna volgden meerdere prikken. Ewen Costiou, Paul Lapeira en Clement Izquierdo gingen om beurten in de aanval in een poging een beslissende schifting te forceren in plaats van de boel te laten samenkomen.
Ondanks die pogingen kwam de kop van de koers uiteindelijk onder druk toch weer samen. Alleen een uitgedund peloton bleef in de slag terwijl de kilometers wegtikten.
Late prikken en een sprintafspraak
De laatste tien kilometer bleven zenuwslopend. Dylan Teuns ging aan met net geen drie kilometer te gaan en dreigde even de groep opnieuw te breken, maar zijn poging werd snel geneutraliseerd.
Met alles weer samen in de slotkilometer lanceerde Lukas Kubis de sprint voor Unibet Rose Rockets, maar Uhlig timede zijn inspanning het best. Hij kwam in de laatste meters eroverheen en pakte de rit.
Na een dag getekend door onrust, aanvallen en sloopwerk draaide rit 3 uiteindelijk uit op pure snelheid op vermoeide benen, met Uhlig als sterkste afmaker uit een gereduceerde groep.