De lange revalidatie van
Tim Merlier nadert eindelijk het einde. De sprinter van Soudal - Quick-Step maakt zondag 22.03.2026 zijn seizoensdebuut in de
GP Jean-Pierre Monseré. De Belg kwam in 2026 nog niet in actie na maanden langs de kant met een knieprobleem, waardoor hij niet normaal kon trainen en lang zonder duidelijke diagnose bleef.
De nieuwe start
De 33-jarige vertelde aan
Het Laatste Nieuws over de moeizame weg terug en de voorzichtige opbouw richting competitie. “Ik train pas vier weken opnieuw. Pas vorige week, op ons trainingskamp in Spanje, mijn vierde kamp in aanloop naar dit seizoen maar het eerste dat ik niet vroegtijdig moest verlaten, lukte het om voor het eerst vijf uur aan een stuk te rijden. Dat was niet meer gebeurd sinds 06.09.”
Hoewel hij eindelijk weer normaal kan trainen, geeft Merlier toe dat hij zijn comeback met onzekerheid en zelfs wat angst benadert na zo’n lange periode zonder koers. “Toch met een beetje schrik. Ik lig ’s nachts wakker met de vraag of ik wel zal kunnen aanklampen. Er zit zelfs wat plankenkoorts op. Ik draag een conditionele achterstand mee. Eigenlijk ben ik een experiment.”
De Belg beleefde maanden van frustratie door kniepijn die artsen moeilijk konden duiden, waardoor hij begon te twijfelen aan zijn eigen toestand en vreesde dat ook anderen hem niet meer zouden geloven.
“Na een tijd begon ik ook aan mezelf te twijfelen. In mijn hoofd sloop de angst dat de mensen rondom mij, of in de ploeg, mij niet meer zouden geloven omdat de symptomen atypisch waren en er zo weinig te zien was. Op het eerste teamkamp deed ik uit pure frustratie zelfs mee aan de bordsprints en won ik die, maar het was de trapbeweging die pijn deed. Ik kon wel wat fietsen, maar je kon dat geen training noemen.”
Zijn rentree in GP Monseré is het sluitstuk van een lange revalidatie. De keuze voor deze koers is bewust: Merlier zoekt nu de minst veeleisende optie.
“Volgende week is er Classic Brugge-De Panne, maar dat is geen wedstrijd waarin je voor de lol kunt rondbollen. Op dit moment van het seizoen is GP Monseré de minst zware koers, en het weer wordt mooi voorspeld. Coppi e Bartali was een alternatief, maar ik rijd liever een eendagskoers dan meteen te beginnen aan een week waarin elke etappe 2.000 hoogtemeters telt.”
Merlier keert terug zonder verwachtingen van directe resultaten. De focus ligt op het herwinnen van wedstrijdritme en vertrouwen na maanden zonder competitie. Zelfs als het op een massasprint uitdraait, rekent hij niet op meespelen om de zege.
“Ik wil de koers uitrijden en proberen me in de finale te positioneren, maar echt opvallen in de sprint? Dat lijkt me ondenkbaar. Ik zie dit als een kleine test en als een kans om weer van koersen te genieten, ook al weet ik dat ik enorm ga afzien.”
Gevraagd wat er zou gebeuren als hij meteen zou winnen, antwoordde de Belg met humor, terwijl hij nogmaals benadrukte hoe beperkt zijn voorbereiding was vergeleken met eerdere jaren. “Dan ben ik een medisch mirakel en trainen de mensen in het peloton veel te veel,” lachte hij.
“Op een of andere manier kleeft het etiket aan mij dat Merlier aan het begin van het seizoen altijd snel goed is. Maar dat is met drie tot vier maanden training in de benen. Deze keer kon ik pas half februari weer beginnen trainen, toen de kniepijn eindelijk weg was.”
Hoofddoelen: Tour de France & BK
Volgend weekend staat Gent-Wevelgem op het programma, waar Merlier in 2025 tweede werd. De sprinter van Soudal - Quick-Step tempert echter de verwachtingen voor de komende klassiekers en schrapt zelfs een monument van zijn agenda.
“Natuurlijk speelt het ergens in mijn achterhoofd, maar ik moet realistisch zijn: het gaat niet gebeuren. Gent-Wevelgem en Parijs-Roubaix zijn uitgesloten. Ik wil ook de rest van mijn seizoen niet hypothekeren. De hoofddoelen zijn de Belgische Kampioenschappen en een selectie voor de Tour de France. Als alles goed gaat, rijd ik daarvoor ook de Tour de Hongrie en de Baloise Belgium Tour, zodat ik hopelijk eind juni top ben.”