Jonas Vingegaard is de blikvanger van deze Giro d’Italia, en dus was etappe 13 in zekere zin een welkom rustmoment. Op een dag waarop de kopgroep alle aandacht opeiste, kon de Deen relatief ontspannen richting de terugkeer naar het hooggebergte.
Rustige dag voor Vingegaard
Na vroeg in de Giro een voorsprong te hebben opgebouwd en een ziekteperiode te hebben overwonnen die hem parten speelde in de lange tijdrit van 42 kilometer, kreeg Vingegaard drie dagen waarop de klassementsrenners vooral moesten sparen.
Etappes 11, 12 en 13 kenden allemaal klimwerk, maar vanuit het klassement sprong vooral Afonso Eulálio’s sprint in etappe 12 eruit voor 6 bonificatieseconden. Verder ging het om positiegevechten. Vingegaard sprak na etappe 13 met CyclingPro.net.
“Dat was een goede dag. We zijn er netjes doorheen gekomen. Het was erg warm. Maar ja, ik denk dat veel klassementsmannen al aan morgen dachten. Dus niet veel actie, maar zo is het nu eenmaal,” zei hij. “Ik bedoel, we wilden vandaag niet aanvallen. We kiezen onze dagen, en vandaag wilden we er niet voor gaan.”
Valle d’Aosta-etappe kan Vingegaard eindelijk in het roze brengen
Wanneer wil Visma dan wél gaan? Etappe 14, een loodzware dag in de Valle d'Aosta met vijf gecategoriseerde beklimmingen en een slotklim van 16 kilometer, lijkt daarvoor ideal.
“Nou, het hangt natuurlijk af van hoe de benen zijn, maar als ik me goed voel, is het mooi om ervoor te gaan,” zei de Deen, zonder veel prijs te geven over de plannen van de Nederlandse ploeg voor de enige echte bergetappe van de tweede week.
Met een achterstand van 33 seconden op Afonso Eulálio heeft Vingegaard mogelijk de beste papieren om de dag in het roze te eindigen. “Het zou fantastisch zijn om de roze trui te pakken, en het doel is om hem in Rome te hebben. Ik heb altijd gezegd dat elke dag in een leiderstrui een eer is,” besloot hij.