“Het was eigenlijk een amateursport” - Annemiek van Vleuten blikt terug op de radicale evolutie van het vrouwenwielrennen

Wielrennen
zaterdag, 04 april 2026 om 10:00
copyright-proshots-17640443
Nu het vrouwenpeloton zich zondag, na de mannenkoers, opmaakt voor de Ronde van Vlaanderen, is het landschap van de sport onherkenbaar vergeleken met de wereld waarin Annemiek van Vleuten ruim 15 jaar geleden instapte. De Nederlandse wielerlegende blikte recent terug op haar weg van rondkomen met 800 euro salaris naar gelijke prijzengelden, verplichte minimumlonen en de geboorte van moderne vrouwen-Grand Tours.

Het amateur­tijdperk en een sprong in het diepe

Toen Van Vleuten in 2008 haar eerste contract bij een UCI-ploeg tekende, bestond het idee van een professionele renster vrijwel niet. De sport stond mijlenver af van de miljoenenindustrie van het mannenpeloton.
“Toen ik begon, was het in feite een amateursport,” vertelde Van Vleuten recent in de Domestique Hotseat-podcast. “Ik ben echt met de sport meegegroeid. Bijna niemand was fulltime renster. In mijn tweede jaar reed ik al de Ronde van Vlaanderen, wat nu eigenlijk onmogelijk is.”
Pas in 2011 kon ze serieus overwegen om van de fiets te leven, al vroeg dat om strak budgetteren. “Ik verdiende 800 euro per maand met wielrennen, betaalde 200 euro huur en besloot fulltime te gaan rijden. Ik leefde toen vrij studentikoos en goedkoop, maar zo kon ik mijn droom volgen. Destijds kregen maar vijf of zes rensters een fatsoenlijk salaris.”
In datzelfde jaar, rijdend voor Nederland Bloeit, pakte ze haar eerste overwinning in de Ronde van Vlaanderen. De ploeg, met ook Marianne Vos en Pauline Ferrand-Prévot, transformeerde daarna in het Rabobank Women Team, een keerpunt voor Van Vleuten. “In 2012 kreeg ik mijn eerste fulltime salaris en daar had ik geluk mee. We hadden Rabobank, en ik verdiende er meer dan met mijn universitaire diploma.”
Ondanks haar persoonlijke stap naar een profsalaris, bleef de sport in de breedte achter. Tussen 2012 en de nasleep van de Olympische Spelen van 2016 kende het vrouwenpeloton een periode van stilstand, vooral door een gebrek aan mediazichtbaarheid.
“Weinig rensters hadden een echt salaris en we kwamen nog niet op tv. Dat was het belangrijkste, want niemand wilde onze koers uitzenden. We voelden echt dat er geen interesse was in het vrouwenwielrennen.”
Toen live-tv eindelijk vaste prik werd, werkte dat als katalysator. De vroege starttijden waren echter weinig glamoureus. “We moesten nog steeds om 9.00 uur koersen, echt belachelijke tijden, maar we waren wel op tv.” De exposure veranderde alles en effende het pad voor een minimumloon voor WorldTour-rensters, wat op zijn beurt de talentenpool verdiepte.
Van Vleuten werd wereldkampioene in 2019 en 2022
Van Vleuten won het WK in 2019 en 2022

Gelijke prijzengelden en het Grand Tour-debat

Vandaag is de financiële realiteit aan de top van het vrouwenwielrennen totaal anders. Toen Van Vleuten in 2021 de Ronde van Vlaanderen won, bedroeg haar prijzengeld slechts 1.365 euro. Nu is de prijzenpot gelijkgetrokken met de mannenkoers en ontvangt de winnares ongeveer 20.000 euro.
Ook de kalender is fors uitgebreid, met als blikvanger de introductie van de Tour de France Femmes. Nu meerdere WorldTour-koersen vijf of meer etappes tellen, woedt de discussie over wat een vrouwen-“Grand Tour” precies is. Van Vleuten wil dat de grootste rittenkoersen zich echt onderscheiden op lengte.
“Ik zou graag zien dat de Grand Tours echt lang zijn,” aldus de oud-wereldkampioene. “We hebben andere koersen die een week duren, dus laat de Vuelta zich daarvan onderscheiden, die nu ook zeven etappes heeft.”
Toch is de 43-jarige legende ook voorzichtig: simpelweg dagen toevoegen maakt het product niet automatisch beter voor de fans. “Zou de Tour nu spannender zijn als die twee weken duurt? Ik weet het niet. We moeten alleen verlengen als het echt interessanter wordt, of misschien als we na twee weken een andere winnares krijgen dan na tien dagen.”
Claps 0bezoekers 0
loading

Net Binnen

Meest Gelezen

Loading