Mathieu van der Poel blijft optimistisch over zijn kansen op het geel nadat Alpecin-Premier Tech een degelijke, maar uiteindelijk ontoereikende ploegentijdrit reed in de openingsetappe van de
Tour de France 2026. De Belgische ploeg had zwaar ingezet op deze discipline, maar verloor te veel tijd doordat enkele renners eerder dan verwacht moesten lossen. Daardoor staat Van der Poel met een forse achterstand voor de etappe van zondag rond Barcelona, als hij het geel wil grijpen.
Van der Poel tevreden ondanks tijdverlies
Van der Poel vond dat Alpecin-Premier Tech het maximale uit de rit haalde, ook al bleef het resultaat onder de ambities. “Mijn gevoel? Best goed. Dit is niet onze specialiteit, maar we hebben er goed aan gewerkt en onze prestatie was oké,” zei hij in een
interview na afloop.
Hij legde uit dat de ploeg sleutelrollenners te vroeg kwijtraakte, wat het tempo brak. “We waren twee of drie man net iets te vroeg kwijt om voor ons de snelste tijd te kunnen rijden. We verloren ze precies in de stroken waar we hen waarschijnlijk het hardst nodig hadden.”
Ondanks de domper benadrukte de Nederlander dat winnen nooit een realistisch doel was. “Zoiets kan gebeuren in een ploegentijdrit en persoonlijk heb ik nooit aan winnen gedacht. Dat was niet realistisch. Als we de schade konden beperken tot een halve minuut of hoogstens een minuut, dan sta je nog steeds goed om iets te proberen.”
Vertrouwen richting etappe van zondag
Van der Poel gelooft dat de tweede etappe meer mogelijkheden biedt dan velen denken, ondanks de achterstand in het klassement.
“Die etappe is zwaarder dan iedereen denkt. Nee, ik heb ze niet verkend, maar je ziet zo dat het lastig wordt, ook door het weer en het hoge tempo in de Tour.”
Terugkijkend op de openingsdag bleef hij tevreden over zowel zijn vorm als de uitvoering van de ploeg. “Vandaag was ik blij met mijn gevoel. We reden een goede tijdrit. We hebben het maximale eruit gehaald.”