“Als je Pidcock of Pogacar op 100% treft, wordt het heel lastig” – Roodhooft legt uit waarom Mathieu van der Poel de Strade Bianche-confrontatie mijdt

Wielrennen
woensdag, 04 maart 2026 om 15:15
Mathieu van der Poel
Mathieu van der Poel keert in 2026 niet terug naar de Strade Bianche, ondanks zijn spectaculaire zege vijf jaar geleden.
De afwezigheid van de Nederlander in de Toscaanse gravelklassieker roept opnieuw vragen op, zeker nu de koers in aanzien en zwaarte blijft groeien. Maar volgens Alpecin-Premier Tech-ploegbaas Christoph Roodhooft is de keuze gestoeld op zowel de evolutie van de wedstrijd als het hogere niveau aan de kop van het peloton.
Strade Bianche is, zo stelt hij, beduidend zwaarder geworden dan de editie die Van der Poel in 2021 naar zijn hand zette. Met meer hoogtemeters, een dichter pak absolute toppers en renners als Tom Pidcock en Tadej Pogacar die het zwaarste terrein domineren, is de afweging voor Van der Poels voorjaar onvermijdelijk verschoven.
Voor Alpecin-Premier Tech is de conclusie helder: de focus van de Nederlander ligt in de klassiekercampagne beter elders.

Een koers die is veranderd

Roodhooft ziet de groeiende fysieke eisen van de Toscaanse klassieker als de belangrijkste factor achter de beslissing.
“Ze is veel zwaarder geworden. Vergelijk het met vijf jaar geleden: het aantal hoogtemeters is met 20 tot 25% toegenomen,” zei hij in gesprek met Het Nieuwsblad. “Vroeger zat deze koers al op de limiet voor klassieke, punchy renners. Maar toen kon het nét. Nu zit ze over die limiet.”
Van der Poels relatie met Strade Bianche is altijd wat atypisch geweest. Zijn zege in 2021 behoort tot de meest memorabele edities. Op de gravelklim van Le Tolfe viel hij aan samen met Julian Alaphilippe en Egan Bernal, waarna hij beiden loste op de steile slothelling naar de Piazza del Campo in Siena.
Toch werd Strade Bianche ondanks die iconische overwinning nooit een vaste waarde in zijn voorjaarsprogramma. De Nederlander keerde nadien slechts één keer terug, als vijftiende in 2023, en ontbrak sindsdien opnieuw aan de Toscaanse startlijn.

De factor rivalen

Niet alleen het parcours evolueert. Ook de sterkte van de moderne deelnemerslijst speelt mee in de denkoefening van de ploeg. “Als je Pidcock of Pogacar op 100% treft, wordt het heel moeilijk,” legt Roodhooft uit, doelend op de renners die tegenwoordig het zwaarste terrein van de koers vaak naar zich toe trekken.
Renners als Tom Pidcock en Tadej Pogacar hebben Strade Bianche steeds meer gevormd tot een wedstrijd die beslist wordt op lange gravelklimmen en langdurige vermogensprikkels, terrein dat van nature renners met een iets ander profiel begunstigt.
“En ja: dan is het voor Mathieu beter om zich op andere koersen te richten,” vult Roodhooft aan.

Trainingsprioriteiten en balans in de kalender

Er is ook een praktisch aspect. De plaats van Strade Bianche op de kalender laat weinig ruimte tussen andere belangrijke doelen in Van der Poels programma.
Omdat Tirreno-Adriatico de dag na Strade Bianche start, ziet de ploeg meer waarde in het benutten van die periode als onderdeel van een gestructureerd trainingsblok. “Mathieu heeft ook af en toe een goed trainingsblok nodig,” merkt Roodhooft op, wijzend op de dagen tussen Omloop Het Nieuwsblad en Tirreno-Adriatico die productief kunnen worden ingezet om vorm op te bouwen.
Voor Van der Poel blijft de bredere focus gericht op de kasseiklassiekers en de Monumenten waarop hij een groot deel van zijn moderne palmares heeft gebouwd.
Dat betekent niet dat Strade Bianche zijn charme kwijt is. “Ik ben er zelfs zeker van dat Mathieu het zelf ook jammer vindt,” geeft Roodhooft toe. “Uiteindelijk blijft het een aantrekkelijke koers.”
Maar de ploeg blijft bij een pragmatische conclusie. “Zoals de koers vandaag is, heeft Mathieu daar weinig te zoeken.”
Claps 0bezoekers 0
loading

Net Binnen

Meest Gelezen

Loading