De relatie van
Lars van der Haar met het UCI Cyclocross World Championships is ten einde. De 34-jarige Nederlander,
die aan het einde van het seizoen 2025-2026 stopt, sloot zijn laatste WK in Hulst af als 19e. Een afscheid getekend door een late val en de harde realiteit van topsport.
Voor Van der Haar had de dag veel emotionele lading, maar de uitslag paste niet bij het moment. Gevraagd door In de Leiderstrui of hij van zijn laatste ronde op het mondiale toneel kon genieten, was zijn antwoord opvallend eerlijk.
“Nee, maar misschien had ik dat wel moeten doen,” gaf hij toe. “Alleen is dat heel lastig als je niet het resultaat kunt rijden dat je voor ogen had, ook al is het je laatste wereldkampioenschap. In de slotronde heb ik het wel geprobeerd en moest ik een traantje laten. Maar dan zie je 19 op het bord staan en dan blijft het toch een klotegevoel. Want je blijft een topsporter, en die willen simpelweg voor resultaten gaan.”
Een koers op de limiet
De aanloop naar de race was voor Van der Haar uitzonderlijk. Omdat zijn vrouw Lucy op de wedstrijddag uitgerekend was van hun tweede kind, mocht hij van de bondscoach tot de ochtend thuisblijven om dicht bij zijn gezin te zijn.
“De focus houden was niet zo moeilijk,” zei hij. “Ik mocht van de bondscoach thuis blijven, dat was heel fijn. Ik ben pas vanmorgen gekomen, dus dat viel wel mee.”
Na het startschot toonde Van der Haar zich even voorin, rijdend rond de vierde plek. De fysieke tol diende zich echter direct aan. “Dat was aan het begin van de cross, maar ik voelde toen al dat ik op mijn limiet reed. Ik had gehoopt in dat groepje te blijven dat voor de vierde plaats reed, maar dat lukte niet.”
De knieblessure
In de laatste twee ronden viel zijn koers volledig in duigen door een botsing bij het molensegment. “Ik stootte mijn knie en het was gedaan. Dat gebeurde bij de molen, op een heel stom moment,” zei Van der Haar. “Ik was volle bak aan het rijden samen met
Mees Hendrikx om bij die tweede groep te komen en bij het afstappen knalde ik ergens tegenaan, maar ik heb nog nooit zoveel pijn in mijn knie gehad.”
De klap maakte normaal trappen onmogelijk, waardoor hij afscheid moest nemen van de strijd om de top 10. “Het was rijden in wandeltempo, met één been. En op de momenten dat ik moest lopen, was het meer strompelen.”
Ondanks het bittere einde keek Van der Haar met warmte terug op een WK-loopbaan die begon als junior in Treviso in 2008 (waar hij 27e werd). “Het wereldkampioenschap betekende alles voor mij,” reflecteerde hij. “Vanaf die wereldtitels bij de beloften ging het lopen en de podiums bij de elite waren ook heel bijzonder. Het maakt of breekt je carrière, als crosser.”
Wat de nabije toekomst betreft, wil Van der Haar zijn seizoensprogramma afwerken voor hij stopt, met twee belangrijke mitsen: “Normaal rij ik dit seizoen nog alle crossen, maar als de kleine komt of de knie toch iets blijkt te zijn, dan kijken we verder.”