Het wegseizoen is begonnen. Toch hebben veel sterren en talenten in opkomst nog niet officieel gedebuteerd. In die laatste groep zit
Jarno Widar, die in 2026 centraal staat in het nieuwe project dat ontstaat uit de fusie van Lotto en Intermarché. Een snelle sprong naar de WorldTour voor de Europees U23-kampioen op de weg.
Tijdens de Lotto-Intermarché persdag in Temse kreeg
Wielerflits de kans om Widar te spreken. Op zijn 20e benadert hij zijn eerste volledige seizoen bij de elite met een beheerste, nuchtere blik.
Widar wordt over een maand prof en heeft al kleppers op zijn kalender staan, waaronder Strade Bianche, Luik–Bastenaken–Luik en de Vuelta a España. Ondanks die stevige afspraken bewaart de Belg de kalmte.
De youngster geeft toe verrast te zijn door de hype na twee sterke jaren bij de U23. Zijn uitschieters: de Giro Next Gen, Luik–Bastenaken–Luik, de Europese wegtitel en zeges op de Fransman Paul Seixas in de Tour de l’Avenir.
Over dat recente verleden is Widar helder: “U23-koersen duren hooguit een week, daar kun je geen harde conclusies uit trekken. Alles wat ik voordien deed, telt nu niet meer. Bij de profs begin ik van nul.”
Jarno Widar debuteert in de WorldTour als Lotto-Intermarché-talent
De Belg neemt ook afstand van het etiket van toekomstige nationale hoop voor grote rondes, een label dat hij vaak in de media ziet terugkeren.
“Dat is wat mensen verwachten als je de kranten leest, maar ik schrijf de artikels niet,” zegt hij in het interview. Zijn affiniteit ligt dichter bij de Ardennen. “La Flèche Wallonne en Luik–Bastenaken–Luik zijn de koersen die ik het leukst vind en waarin ik wil schitteren, al weet ik niet of ik daar ooit geraak.”
Gevraagd naar doelen voor zijn eerste profjaar blijft Widar ingetogen: “Ik verwacht niet veel. Ik wil mijn best doen en het seizoen gezond afsluiten. Dat is het belangrijkste. Als ik een goed debuutjaar kan draaien, zien we daarna wel.”
Die voorzichtigheid klinkt ook door bij Lotto-Intermarché. De ploeg, zegt hij, heeft verwachtingen, maar spreekt die niet expliciet uit. “Als profs worden we betaald en dat impliceert verantwoordelijkheid. Ik heb ook persoonlijke doelstellingen, maar die hou ik liever nog voor mezelf,” merkt hij op.
Zijn veeleisende programma, met een sterke WorldTour-invulling, is een bewuste keuze. “Ik ben niet voor niets prof geworden. Als ik nog een jaar 1.1-wedstrijden had willen rijden, was ik bij de opleidingsploeg gebleven,” legt hij uit.
Vuelta a España het grote doel
Een ander sleutelmoment in zijn seizoen wordt zijn Grand Tour-debuut. Widar schetst dat hij na het voorjaar een rustpauze neemt, gevolgd door zijn eerste hoogtestage in mei. In juni rijdt hij de Tour de Suisse, daarna volgt in juli opnieuw een hoogtestage. Vervolgens staan de Vuelta a Burgos en de Clásica San Sebastián op het programma, om daarna, als alles goed gaat, de Vuelta a España te betwisten.
Ondanks zijn bedachtzaamheid is de gretigheid voelbaar. Zoals Widar het samenvat: “Het is een kinderdroom die uitkomt. Weinig mensen kunnen zeggen dat ze leven wat ze als kind droomden. Alles wat nu komt, is een bonus.”