Remco Evenepoel toont zich tevreden over zijn
Tour de France-voorbereiding, ondanks de bevestiging dat hij dit weekend niet start op het Belgisch kampioenschap. Vanuit het hoogtestagekamp van Red Bull-BORA-hansgrohe in Haute-Savoie benadrukte de Belg dat hij zich fysiek sterk voelt na twee maanden zonder koers, en dat hij zijn beoogde Tourgewicht haalde zonder aan vermogen in te boeten.
Evenepoel past voor Belgisch kampioenschap
Voorafgaand aan het mediasprek bevestigde
Red Bull - BORA - hansgrohe-perschef Gabriele Uboldi
dat Evenepoel zondag niet aan de start komt van het BK op de weg.
“Mannen, laat ons zeggen dat Remco zich niet in de juiste conditie voelt om deel te nemen. De ploeg komt snel met een betere uitleg, maar zo kan ik jullie al veel vragen besparen over dit nogal ingewikkelde en… vreemde onderwerp.”
Er wordt een medisch attest verwacht om zijn afwezigheid formeel te verantwoorden en zo een automatische schorsing van negen dagen te voorkomen, wat anders zijn deelname aan de Tour de France in het gedrang zou kunnen brengen. Ondanks de terugtrekking maakte Evenepoel duidelijk dat er geen zorgen zijn over zijn algemene gezondheid.
Evenepoel volgde de recente voorbereidingskoersen nauwgezet van thuis uit, waaronder de Tour Auvergne-Rhône-Alpes, de Baloise Belgium Tour en de Ronde van Zwitserland, waar Tadej Pogacar opnieuw als vanouds domineerde. “Indrukwekkend, uiteraard. Maar dat is geen verrassing meer,” zei Evenepoel.
Eén aspect van Pogacars prestaties sprong er voor hem uit. “Wat ik een beetje jammer vind, is dat op het moment dat hij aanvalt, er achter hem geen gevecht meer is. Niemand probeert zelfs te volgen. Natuurlijk moet je het ook kúnnen. Als het tempo gewoon te hoog ligt, kun je weinig doen.”
Toch wil Evenepoel daaruit geen grote conclusies trekken richting de Tour. “Er zit nog een periode tussen die koersen en de Tour. En daar begint, zoals elk jaar, alles weer van nul.”
Evenepoel koerste voor het laatst in Luik-Bastenaken-Luik, waar hij derde werd
Evenepoel reageerde ook tevreden op de bekendmaking van de Tourselectie van Red Bull-BORA-hansgrohe, met daarin Florian Lipowitz, Jai Hindley, Maxim Van Gils, Nico Denz, Tim van Dijke, Jan Tratnik, Mattia Cattaneo en uiteraard Evenepoel zelf. “Het is een sterke en goed uitgebalanceerde ploeg.”
Hij bevestigde dat hij bij de selectie geconsulteerd werd. “Ik heb mijn mening gegeven, maar uiteindelijk hakte de ploeg de knoop door. Voor de achtste plek kozen ze Nico Denz boven Gianni Vermeersch.”
“Er zijn de pure klimmers en de sterke rouleurs, met Tratnik en Cattaneo die daartussenin vallen. Van Gils en Hindley worden cruciaal in de bergen. Jai kwam uitstekend uit de Giro, terwijl Maxim zijn laatste test glansrijk aflegde in de Tour Auvergne-Rhône-Alpes.”
Ploegentijdrit biedt eerste kans
De Tour opent met een ploegentijdrit in Barcelona, een etappe die volgens Evenepoel meteen kansen biedt op winst én geel. “We hebben er heel hard op gewerkt tijdens ons hoogtekamp in Sierra Nevada samen met de staf. In Barcelona doen we nog een korte ploegentijdritsessie, waarbij ieders rol duidelijk wordt vastgelegd.”
Gevraagd of geel dragen een doel is, koos Evenepoel voor een andere formulering. “Het is een droom. Maar veel renners delen die droom en hebben er met hun ploegen keihard voor gewerkt. We moeten focussen op onze eigen sterktes en het in de eerste plaats zien als een kans om de etappe te winnen.”
Volgens het Tourreglement van 2026 krijgt elke renner in de openingstijdrit een eigen eindtijd, waardoor de volgorde over de streep belangrijk wordt voor het klassement.
“Het wordt belangrijk dat zowel Florian als ik die laatste oplopende kilometer zo snel mogelijk beklimmen en zoveel mogelijk tijd pakken. Vol gas tot aan de finish, zonder aarzelen of inhouden. De sleutel voor zowel Florian als mij is op elkaars wiel blijven zitten. Wie eerst over de streep komt, neemt het geel.”
Tot slot wees Evenepoel de suggestie af dat slechts vier renners realistisch voor het Tourpodium strijden. “Het zijn er zeker meer. Je kunt de Tour met tien kanshebbers starten en na één week blijven er misschien nog vier over. Zo gaat de Tour. Het is drie fascinerende weken lang overleven van de sterksten.”
Wat zijn eigen ambities betreft, houdt de Belg het eenvoudig. “Ik bekijk het dag per dag en dan zien we wel waar ik uitkom.”