Wout van Aert moest genoegen nemen met de vierde plaats in de
Ronde van Vlaanderen 2026, op een haar na naast het podium na een meedogenloze, verbrokkelde finale waarin de koers ontplofte op de beslissende hellingen.
In een wedstrijd die uiteindelijk werd gewonnen door Tadej Pogacar, voor Mathieu van der Poel en Remco Evenepoel, zat Van Aert net achter de beslissende versnellingen. Daarna vormde hij met
Mads Pedersen een achtervolgend duo, terwijl de koers tot in Oudenaarde uiteenviel in individuele gevechten.
“Het was toen al een cruciaal moment”
Van Aert gaf achteraf toe dat de wedstrijd eerder dan verwacht begon te glippen, en wees de Molenberg aan als het moment waarop het vuur echt in de pan sloeg. “Ik was een beetje verrast,”
zei hij in gesprek met Cycling Pro Net. “Ik zat wat te ver, en ik moet mijn ploeggenoten bedanken dat ze me net voor de Molenberg in een goede positie brachten, want het was toen al een cruciaal moment.”
Vanaf daar zat de Belg in een relatief gecontroleerde situatie naast
Christophe Laporte, waardoor hij energie kon sparen in plaats van mee te rijden in de achtervolging. “Het was geen slechte situatie. Ik had Laporte bij me en we hadden geen reden om op kop te rijden, dus we konden in het wiel blijven,” legde hij uit, waarna hij toevoegde dat hij de tweede passage van de Oude Kwaremont precies haalde zoals gepland. “Ik kwam de tweede keer Kwaremont op zoals ik wilde, en dan is het gewoon de benen.”
Pogacars demarrage blijkt beslissend
Toen Pogacar zijn beslissende versnelling plaatste op de Kwaremont kon Van Aert aanvankelijk reageren, maar hij kon het tempo niet volhouden toen de drie sterksten zich afscheidden.
Vanaf dat moment verschoof de strijd naar de podiumplaatsen. Van Aert sloeg de handen ineen met Pedersen om de schade te beperken en, als de koplopers naar elkaar zouden kijken, eventueel terug te keren.
“Ik wist dat we alleen zouden terugkomen als ze vooraan naar elkaar zouden kijken, maar toch moet je erin blijven geloven,” zei Van Aert. “Ik moet Mads bedanken voor een geweldige koers. We hebben goed samengewerkt. Het was niet de bedoeling dat we terugkeerden, maar we hebben gedaan wat we konden.”
“Iedereen solo naar de streep”
In de slotfase maakte samenwerking plaats voor overleven. Overal vielen gaten en moest elke renner zijn eigen inspanning managen. “Het was een gekke finale,” reflecteerde Van Aert. “Iedereen solo naar de streep.”
Ondanks opnieuw een gemist podium in Vlaanderen bleef de Belg nuchter in zijn evaluatie. “Ik ben in elk geval tevreden met mijn prestatie. Ik hoopte misschien op iets meer, maar dit was vandaag het maximaal haalbare.”
Van Aert kwam uiteindelijk als vierde over de streep, iets meer dan twee minuten na Pogacar. In de slotkilometers reed hij weg van Pedersen en pakte zo het best mogelijke resultaat nadat het beslissende moment al voorbij was.