Dwars door Vlaanderen is de vierde van vijf World Tour-klassiekers in Vlaanderen en vormt het slotblok van de kasseienklassiekers in de regio. De wedstrijd vindt dit jaar plaats op 01.04 en is de laatste grote test voor de Ronde van Vlaanderen. We bekijken de startlijst; het startschot valt om 11:00 en de aankomst is rond 15:05 CET.
In 1945 gelanceerd, werd Dwars door Vlaanderen meteen gewonnen door de Belgische legende Rik van Steenbergen, wat de koers direct tot topklassieker in het voorjaar maakte. Onder meer Johan Museeuw voert een brede rij Belgische winnaars aan die de erelijst sieren.
Tom Boonen won één keer, in 2008, maar opvallend genoeg slaagde zijn rivaal Fabian Cancellara er nooit in. De koers maakte niet altijd deel uit van de World Tour, maar sinds 2019 ging de zege steevast naar specialisten van het hoogste niveau. Mathieu van der Poel, Dylan van Baarle, Christophe Laporte en Matteo Jorgenson zorgden van 2019 tot 2024 voor een exclusieve Visma–Alpecin-hegemonie; maar in 2025 reed Visma met drie man voorop en liet het de overwinning berucht genoeg glippen naar Neilson Powless.
Parcours: Roeselare - Waregem
Roeselare › Waregem, 184,6 kilometer
De start in Roeselare leidt naar een openingsfase van 50 kilometer die vrijwel vlak is, zonder noemenswaardige hindernissen. Dit deel bevordert de vorming van de vroege vlucht en laat de ploegen van de favorieten het koersverloop beheersen zonder groot energieverlies.
Vanaf km 47,5 luidt de eerste helling, Hellestraat (1,3 km aan 3,7%), een fase van geleidelijke slijtage in. Op zichzelf niet selectief, maar het verandert het ritme. Kort daarop volgen Volkegemberg (1,1 km aan 4,0%) en Berg Ten Houte (1 km aan 5,8%), die de lat hoger leggen en om positiestrijd vragen.
De sleutelpassage ligt tussen km 90 en 115. Verscheidene zwaardere hellingen zitten hier compact op elkaar:
- Knokteberg - Trieu (1,1 km aan 7,7%), een van de lastigste van de dag.
- Hotond (1,2 km), die de inspanning rekt.
- Ladeuze (1,4 km aan 6,9%), die de vermoeidheid verder opstapelt.
- Berg Ten Houte (1 km aan 5,9%), een tweede passage.
Dit blok is cruciaal omdat het zwaarte en nauwe opeenvolging combineert, wat bij hoog tempo of wind de eerste serieuze breuken kan forceren. Er blijft echter nog een lange weg naar de finish, wat totale aanvalslust tempert.
Na een korte relatieve adempauze volgt het tweede beslissende punt tussen km 130 en 145:
- Nogmaals over de Knokteberg - Trieu.
- Hotond (1,2 km aan 3,3%).
- Eikenberg (1,2 km aan 5,0%).
Deze sequentie, dichter bij de finish, is het uitgelezen moment voor grote tactische zetten. De herhaling van eerder beklommen hellingen verdiept de spierslijtage en verscherpt de selectie in de kopgroep.
De laatste 40 kilometer zijn milder, al is het niet volledig vlak. Nokereberg (0,4 km aan 2,8%) en de slotklim naar Nokere (0,7 km aan 4,0%) in de laatste 10 km springen eruit. Niet beslissend op hellingsgraad, maar geschikt voor late aanvallen of om het peloton nog eens uit te dunnen.
De aanloop naar Waregem is gunstig en relatief vlak, wat meerdere scenario’s opent:
- Een kleine groepsspurt als de koers breekt in het tweede klimblok.
- Gedeeltelijke hergroepering en een sprint met een gereduceerde selectie.
- Een late aanval na Nokere, profiterend van de opgestapelde vermoeidheid.
Al met al telt het profiel geen extreem lange hellingen of zeer steile stroken, maar wel een hoge dichtheid aan korte, herhaalde inspanningen. Dat beloont weerstand tegen intervalprikkels en het vermogen om vermogen te blijven leveren na meerdere versnellingen.
De favorieten
Visma – De ploeg had het vorig jaar perfect voor elkaar met een uitstekend getimede en uitgevoerde aanval, maar gaf alles uit handen door koste wat kost voor
Wout van Aert te rijden. Dat zal niet vergeten zijn. Eenzelfde tactiek ligt niet voor de hand en het is ook weinig waarschijnlijk dat zo’n scenario zich opnieuw voordoet.
Visma beschikt over een Van Aert in topvorm en zonder Mathieu van der Poel en Tadej Pogačar ligt de weg open richting winst. Hij zal daarvoor wel moeten aanvallen. Dat is iets wat de ploeg uitstekend kan uitspelen, met Christophe Laporte, Per Strand Hagenes en mogelijk ook Matthew Brennan om aanvallen te controleren of zelf te plaatsen. Visma heeft de kaarten in handen en is wellicht de sterkste ploeg aan de start. Maar ondanks de kwaliteit mogen ze niet gokken op een sprint.
Tobias Lund Andresen – Decathlon moet zonder twijfel alles op alles zetten om de koers te controleren en allianties te smeden richting een sprint. Andresen verkeert dit seizoen in bloedvorm en toont overal waar hij start zijn klasse. Hij is een sprinter, maar ook een sterke klassiekerrenner. Zijn tweede plaats in Middelkerke–Wevelgem bevestigt dat hij nog altijd op topniveau presteert. Hij kan aanvallen volgen en is in elk groepje levensgevaarlijk. Van alle sprinters is hij het best uitgerust om ook na de hellingen vanuit een aanval te winnen.
In een koers zonder zware beklimmingen mogen we zeker rekenen op renners als Florian Vermeersch, Alec Segaert en Jonas Abrahamsen, die zich kunnen meten met de besten—of zelf tot de allerbeste behoren. Ook Filippo Ganna krijgt hier vermoedelijk de ruimte om zijn eigen koers te rijden en verkeert duidelijk in goede vorm.
Voor BORA zijn Tim van Dijke en Laurence Pithie zeker kanshebbers. Daarnaast zijn er ervaren namen zoals Dylan van Baarle, Matej Mohorič en Michael Valgren. Ook renners als Romain Grégoire, Aimé De Gendt en Brent Van Moer kunnen hier een rol spelen.
Komt het toch tot een sprint—zeker niet uitgesloten—dan zijn er veel kandidaten. Visma en Andresen zijn opties, maar zeker niet de enigen. In Wevelgem zagen we hoe een goed georganiseerde achtervolging zelfs de sterksten kan terughalen, en deze koers is minder zwaar. Het draait om de juiste groep en de juiste samenwerking.
Alpecin heeft alle reden om vol op de sprint te mikken met
Jasper Philipsen in topvorm. Zij kunnen steun krijgen van Lidl-Trek, dat beschikt over Jonathan Milan en vooral
Mads Pedersen—al is die laatste geen typische afwachtende renner en bovendien niet in absolute topvorm.
Voor Lotto is Arnaud De Lie de uitgesproken kopman, terwijl Quick-Step mikt op Paul Magnier en NSN op Biniam Girmay. Dat zijn ploegen die zich volledig op hun sprinter zullen richten. Indien aanvallen stranden, kunnen ook ploegen als Uno-X (Søren Wærenskjold) en INEOS (Ben Turner of Sam Watson) hun strategie aanpassen en hun klassiekers in dienst van de sprint inzetten. Ook Luca Mozzato, Fred Wright, Max Kanter, Anthony Turgis, Lukáš Kubiš en Iván García Cortina zijn namen om rekening mee te houden.
Voorspelling Dwars door Vlaanderen 2026
*** Wout van Aert, Tobias Lund Andresen, Jasper Philipsen
** Christophe Laporte, Mads Pedersen, Florian Vermeersch, Jonas Abrahamsen
* Per Strand Hagenes, António Morgado, Tim van Dijke, Alec Segaert, Filippo Ganna, Dylan van Baarle, Romain Grégoire, Biniam Girmay, Jonathan Milan, Paul Magnier, Arnaud De Lie
Onze keuze: Tobias Lund Andresen