Het vrouwenwielrennen beweegt al jaren richting een eerste salaris van één miljoen euro. Alex Carera denkt nu dat Paula Blasi de renster kan zijn die die grens eindelijk doorbreekt.
Dat is geen kleine uitspraak. Carera is niet zomaar een zaakwaarnemer die een cliënt ophemelt. De Italiaan vertegenwoordigt onder anderen
Tadej Pogacar, Jasper Philipsen en Isaac Del Toro, wat hem een invloed geeft die weinigen in het wielrennen evenaren. Nu plaatst hij Blasi in het middelpunt van wat de volgende financiële sprong in het vrouwenpeloton kan worden.
De timing maakt de claim opvallend. Blasi wordt niet neergezet als een toekomstproject met verre potentie. Na winst in de Amstel Gold Race en La Vuelta Femenina in dezelfde lente is de 23-jarige Spaanse plots een van de meest waardevolle namen in het vrouwenwielrennen.
Tegenover The Athletic maakte Carera duidelijk waar die opmars toe moet leiden. Gevraagd naar zijn ambitie om van Blasi de eerste renster met €1 miljoen per jaar te maken, antwoordde hij: “Dat is mijn doel.”
Voor Carera is de redenering eenvoudig. “Omdat zij de ster van de toekomst in het wielrennen is,” zei hij.
Blasi dwingt het vrouwenwielrennen zijn plafond te herzien
De betekenis van Carera’s woorden gaat verder dan één contractonderhandeling. Blasi ligt al tot eind 2027 vast bij UAE Team ADQ, een deal die ze halverwege vorig seizoen tekende. Sindsdien is haar waarde ingrijpend veranderd.
Haar zege in de Amstel Gold Race tilde haar status in de klassiekers naar een nieuw niveau. Haar eindwinst in La Vuelta Femenina zette haar nog een categorie hoger. In één lente bewees Blasi dat ze een grote eendagskoers kan winnen, de eisen van een Grote Ronde aankan en presteert onder druk die normaal is voorbehouden aan de meest gevestigde namen.
Dat is relevant omdat de top van het vrouwenwielrennen snel verandert. De transfer van Demi Vollering naar FDJ-SUEZ liet al zien hoe agressief de markt zich ontwikkelt, terwijl Lotte Kopecky bij SD Worx-Protime een van de meest waardevolle en herkenbare rensters blijft. Van beiden wordt aangenomen dat ze dicht tegen de miljoen euro aan zitten, al blijft het exacte salarisplafond in het vrouwenpeloton lastig te verifiëren.
Geen eendagsvlieg
Blasi hoort nu thuis in dat grotere gesprek. Het verschil is hoe snel ze daar is aangekomen. En daarin schuilt de scherpte van dit verhaal: Carera stelt niet alleen dat Blasi goed betaald moet worden. Hij zet publiekelijk een maatstaf neer voor wat de volgende generatie vrouwelijke wielersterren waard zou moeten zijn.
Blasi’s resultaten in 2025 maken die stelling begrijpelijk. Naast haar zeges in Amstel en La Vuelta Femenina werd ze derde in La Flèche Wallonne en vijfde in Luik-Bastenaken-Luik. Dat gaf haar voorjaarscampagne body. Geen eenmalige verrassing, maar een bestendige entree op het hoogste niveau.
Voor UAE Team ADQ is Blasi daarmee zowel een troef als een langetermijnuitdaging. Ze hebben een van de spannendste rensters van het peloton onder contract, maar als haar waarde in dit tempo blijft stijgen, kan haar toekomst na deze verbintenis uitgroeien tot een van de bepalende contractdossiers in het vrouwenwielrennen.
Carera’s doel van €1 miljoen is een marktsignaal
Het label “superagent” past Carera omdat zijn invloed verder reikt dan routineus contractwerk. In een sport die traditioneel anders opereert dan het voetbal, is hij een van de weinige echte marktspelers die het wielrennen rijk is.
Zijn cliëntenbestand geeft hem armslag in de grootste verhaallijnen van het mannenpeloton, met Pogacar als de bepalende renner van zijn generatie en Philipsen als een van de succesvolste sprinters ter wereld. Met Blasi heeft hij nu een inzet in een van de grootste verhalen die zich aan de vrouwenkant ontvouwen.
Daarom weegt zijn doel van €1 miljoen zwaar. Het is geen gok van de zijlijn. Het is een marker van iemand die begrijpt hoe toprenners worden gewaardeerd, hoe ploegen strijden om toekomstige kopvrouwen en hoe snel iemands commerciële waarde kan verschuiven wanneer resultaten, profiel en potentieel tegelijk samenvallen.
Super-agent Alex Carera speaks to the media
De volgende barrière voor het vrouwenwielrennen
Blasi’s aantrekkingskracht is duidelijk. Ze is jong, Spaans, wint al op WorldTour-niveau en het voelt alsof haar plafond nog niet is bereikt. Voor een vrouwenpeloton dat zoekt naar nieuwe mondiale boegbeelden is dat een krachtige mix.
Het huidige salarisl landschap blijft onduidelijk. Van Vollering wordt gemeld dat ze iets onder €1 miljoen per jaar verdient bij FDJ-SUEZ, terwijl Kopecky naar verluidt vergelijkbaar zit bij SD Worx-Protime. Carera’s ambitie voor Blasi gaat dus verder dan één renster belonen. Het draait om het doorbreken van een symbolische barrière waar de sport al een tijd tegenaan schuurt.
Het vrouwenwielrennen veranderde al ingrijpend in zichtbaarheid, ploeginvesteringen en sportieve diepte. De volgende vraag is of het geld aan de absolute top die lijn nu kan volgen.
Blasi’s doorbraak komt precies op het goede moment om dat te testen. Carera heeft duidelijk gemaakt waar de markt volgens hem heen moet. Nu moet de sport bepalen of haar nieuwste superster ook de renster is die definitief de prijs van de toekomst verandert.