Cameron Mason: “De manier om het niveau van Britse renners te verhogen is niet simpelweg een wedstrijd te organiseren die honderdduizenden ponden kost”

Cyclocross
donderdag, 15 januari 2026 om 9:00
Cameron Mason in actie op zijn crossfiets in South Shields
Cameron Mason beleeft een seizoen met pieken en dalen. Afgelopen weekend in South Shields pakte hij echter zijn eerste zege van de winter door met overmacht de Britse kampioenstrui te veroveren. Nu richt hij zich op de laatste crossen van het seizoen, terwijl hij de bescheiden staat van het Britse veldrijden fileert.
“Ik denk dat ik iets kan doen in Maasmechelen en Hoogerheide. Zelfs als ik vol voor het WK ga en het mis, zal ik nog steeds goed zijn – er zijn genoeg andere koersen,” vertelt Mason aan Cycling Weekly. “Elke wedstrijd is zo anders. Elke keer dat je start is er andere concurrentie, ander weer, een andere context. Het is niet zoals op de baanwielrenbaan of in atletiek, waar de omstandigheden zo gecontroleerd zijn.”
Mason reed deze winter een reeks tweede plaatsen, met name in de Koppenbergcross en ook in Hamme en Kortrijk. De zege in België bleef uit. In de X2O Badkamers Trofee staat hij eveneens tweede, maar met 2:52 minuten achterstand op Joris Nieuwenhuis wordt dat een zware klus om nog recht te zetten.
Mason, die een volle winter koerst, had en heeft genoeg kansen om zijn niveau te tonen. “Het is mooi, want je kunt op zaterdag een dramatische dag hebben en op zondag weer starten; jij herinnert je nog hoe slecht je was, maar niemand anders. Het kan ook andersom. Ik had het deze winter dat ik op sommige zaterdagen werelds reed, bijna zwevend, en de dag erna me een waardeloze renner voelde.”
Cameron Mason rijdt in het zand met een veldrijfiets
Cameron Mason in de Britse kampioenstrui in 2025-2026

Nationaal kampioen reageert op Britse veldritscene

“Vergelijken is makkelijk, want het heet hetzelfde en we rijden in België en het VK dezelfde sport. Maar ik zie het niet als dezelfde sport,” zegt hij over de huidige situatie van het veldrijden in Groot-Brittannië. “In essentie zijn de crossen die ik in België rijd professioneel, terwijl die in het VK amateurwedstrijden zijn […] Telkens als ik thuiskom voor de nationale kampioenschappen voelt het als een amateurevenement, maar het is superbelangrijk – het is een van de belangrijkste koersen van mijn jaar.”
“Mensen willen de Belgische scene kopiëren en plakken in het VK, maar dat zou een fout zijn – alles is anders. Het publiek wil iets anders, de renners willen iets anders. Ik weet dat wat in België werkt, in het VK niet werkt – er is simpelweg niet het geld of de steun om dat te doen. Ik wil dat British Cycling meer koersen en meer tussenstappen creëert, zodat junioren meer UCI-wedstrijden in het VK kunnen rijden en die punten meenemen naar België. Ze moeten samenwerken.”
De British National Trophy Series bood de afgelopen jaren kansen voor renners op niveau om thuis te presteren en een substantieel aantal UCI-punten te scoren, maar de reeks kampt ook met terugkerende problemen – en zowel vorig als dit seizoen werden manches afgelast.
Voor de 25-jarige, inmiddels de belangrijkste vertegenwoordiger van de mannen in de discipline, worden de verkeerde keuzes gemaakt om de Britse scene te verbeteren en wordt het geld niet goed besteed. “De manier om het niveau van Britse renners op te krikken is niet door één wedstrijd te organiseren die honderdduizenden ponden kost. Beter is het om normale bedragen te investeren in de koersen die er al zijn, want er zijn al organisatoren, clubs en reeksen die supergemotiveerd en actief zijn,” besluit hij.
Claps 0bezoekers 0
loading

Net Binnen

Meest Gelezen

Loading