Voeding staat misschien wel het meest centraal in de evolutie van het wielrennen van de afgelopen jaren.
Team Visma | Lease a Bike’s head of performance
Mathieu Heijboer sprak er uitgebreid over tijdens de mediadag van de ploeg, en ook de ploeg zelf zet het onderwerp nadrukkelijk in de schijnwerpers.
“Het gesprek gaat niet langer over wat iemand theoretisch zou moeten eten, maar over hoe deze maaltijd de training en het herstel van vandaag ondersteunt,” zegt ploegdiëtist Gabriel Martins in een door de ploeg uitgegeven
persbericht. “Elke maaltijd is een kans om iets net even beter te doen. Niet perfect, maar consequent in lijn met het plan en het doel van de renner.”
Het peloton rijdt tegenwoordig in een andere versnelling, mede door de forse toename van koolhydraten en calorieën voor en tijdens de koers. Velon deelde recent gegevens over Tadej Pogacards voedselinname tijdens een bergrit in de Tour de France, terwijl Movistar-renner Nelson Oliveira een WielrennenUpToDate vertelde dat alle renners, van kopmannen tot knechten, nu de complexere en veeleisendere voedingsrichtlijnen moeten volgen – met vaak 120 gram koolhydraten per uur als bovengrens die de meesten kunnen opnemen. Meer dan ooit sturen renners op specifieke wattages, en trainen ze om genoeg te kunnen eten om die vermogens te halen.
Zoals Matevz Govekar van Bahrain Victorious ons vorige maand vertelde, gebruiken ploegen trainingskampen vaak om de darmen te trainen. Tijdens de kampen in december en januari, meestal in Spanje, eten renners op een manier die vergelijkbaar is met rittenkoersen en Grote Rondes. De extreem lange en zware trainingen, zoals bij UAE tijdens kampen met gemiddelden ruim boven de 35 km/u en soms tot 6 uur, moeten het koers- en eetschema van de grootste wedstrijden van het seizoen nabootsen.
Zoveel mogelijk eten – bijna
Recent is Filippo Fiorelli van Visma, die na meerdere jaren bij ProTeam Bardiani nu gewend raakt aan de werkwijze van de Nederlandse ploeg, een duidelijk voorbeeld van hoe voeding de laatste jaren is geëvolueerd en hoe groot het verschil is. De Italiaan zei dat hij nu substantieel meer eet, maar tegelijk geen moeite heeft zijn gewicht te managen, terwijl het vroeger juist omgekeerd was.
Head of performance
Mathieu Heijboer, een sleutelfiguur in de planning rond de toprenners van de ploeg en in het integreren van voeding met alle andere voorbereidingselementen, lichtte de relevantie verder toe: “Voeding is voor ons geen extra laag. Het is een integraal onderdeel van hoe we dagelijks training, herstel en prestatie aansturen.”