Mathieu van der Poel reisde naar Zwitserland om in aanloop naar de Tour de France wedstrijdritme op te doen, maar vond er geen kansen om voor een etappezege te strijden. De Nederlander kreeg geen ruimte om mee te springen in de kopgroep, terwijl de aanvallende koers en het hoge klimtempo zijn limiet overschreden.
In etappe 1 gold hij als topfavoriet, maar Tadej Pogacar blies met een aanval op 70 kilometer van de streep de koers open op het lastigste deel van de dag. Op dat terrein kon de Alpecin - Premier Tech-renner niet mee. In etappe 2 won de vlucht, maar in het peloton werden de slotklimmetjes vanaf de voet aan een strak tempo opgereden, waardoor Van der Poels explosiviteit niet tot zijn recht kwam.
Geen vrijheid om mee te zitten in winnende vlucht
Etappe 3 bood kansen voor de kopgroep. Maar in het peloton wilde niemand Van der Poel vooraan zien. “Ze reageerden vrij agressief toen ik ging. Dus besloot ik snel om energie te sparen en voor de sprint te gaan,” vertelde Van der Poel aan
AD.
Tegen een bescheiden sprintersveld had hij kans gemaakt. Maar opnieuw haalde de kopgroep het, met Jhonatan Narváez
als winnaar. “Zonde dat we net tekortkwamen. Uiteindelijk kwamen we toch nog dichtbij. Met 20 kilometer te gaan had ik het eigenlijk al een beetje opgegeven.” Daarachter werd Van der Poel derde van het peloton; vijfde in de etappe.
“Het was ook minder warm. Daardoor voelde ik me meteen veel beter. Ik ben tevreden. Op de klimmetjes aan het begin van de rit kon ik zonder problemen volgen.”
Van der Poel test zijn vorm
Etappe 5 met de hoge bergen ligt duidelijk buiten Van der Poels bereik. De tijdrit van zaterdag is een ander verhaal: daar kan hij realistisch mikken op een sterk resultaat in een veld zonder uitgesproken specialisten. “Het plan is om zaterdag weer vol te gaan. We zullen zien hoe het voelt.”
Uiteindelijk verlaat Van der Poel de
Ronde van Zwitserland echter zonder opvallend resultaat, op weg naar de Tour de France. “Het ging niet zo goed als ik had gehoopt. We komen ook net uit een zwaar trainingskamp, waarin we hard gewerkt hebben met de ploeg. Dat ging goed, maar misschien voelde ik daar nog de gevolgen van. Soms moet ik gewoon wat geduld hebben,” besloot hij.