OPINIE: Waarom Paul Seixas de Tour de France in 2027 niet moet rijden en wat hij daarvoor in de plaats moet doen

Wielrennen
donderdag, 30 juli 2026 om 20:00
Paul Seixas in de Tour de France 2026
Terwijl juli ten einde loopt in het tweede profseizoen van Paul Seixas, is de druk van de ketel. Hij bewees niet alleen dat hij op korte termijn een Grote Ronde kan winnen, hij kon zich ook meten met de wereldtop.
Decathlon CMA CGM nam een risico door de 19-jarige op te roepen voor de Tour de France. Maar wie durft, wint: de grote Franse hoop leverde drie beheerste, constante en vooral duurzame weken af in La Grande Boucle.
Met als ultiem doel de Tour de France te winnen met een Franse ploeg, is een directe terugkeer naar het hoogste podium mogelijk niet de beste stap voor Seixas nu. Je kunt beargumenteren dat hij beter even wacht met een Tour-rentree en in 2027 focust op andere koersen.

Seixas’ Tour de France 2026 in perspectief

Je kunt de Tour de France 2026 alleen beoordelen door de gele, record-evenarende, immer glimlachende sluipschutter Tadej Pogacar als maatstaf te nemen. Hij domineerde deze koers met een gemak dat we zelden, zo niet nooit, zagen. Hij staat een trap boven de rest, maar hoeveel precies?
Remco Evenepoel kwam het dichtst bij zijn hoogste peil op +6:26. Je mag aannemen dat Jonas Vingegaard, zonder valpartij en opgave, ergens hier of iets dichter bij Evenepoel had gezeten. Daarna volgde Isaac del Toro op +9:42 – al kreeg hij doorheen de drie weken een forse helpende hand van zijn gulle kopman.
Dan is er Seixas op plek vier. Pogacar even buiten beschouwing gelaten, reden twee renners een betere Tour dan hij en zou er waarschijnlijk nog één boven hem zijn geëindigd. Toch staat hij met +11:56 niet ver achter de kern van Pogacar-achtervolgers. Achterom kijkend toonde deze Tour dat er weinig is om zich zorgen over te maken.
In de top tien daarachter pakte Lenny Martinez stiekem plek vijf dankzij een vlucht op etappe 19. Florian Lipowitz zat dicht bij zijn niveau, maar pakte in de eerste 15 etappes nooit tijd van de 19-jarige, voordat ook hij hard ten val kwam en moest opgeven. Terugblikkend zal Seixas van Juan Ayuso, Mattias Skjelmose, Tom Pidcock en de rest ook niet wakker liggen.
Met de verwachte ontwikkeling en progressie van Paul Seixas kunnen deze vergelijkingen snel achterhaald zijn. Zijn Tour-deelname diende wel een paar cruciale doelen. In de eerste plaats het gordijn open trekken en hem het kolkende Tour-arena in sturen.
Een epische aankomst op Alpe d’Huez, nooit eerder geziene extreme hitte en misschien wel de beste renner ooit in volle glorie: dat is al een flinke hap voor een Tour-debutant in de grupetto, laat staan in een klassementsduel.
Er is geen speld tussen te krijgen: deze Tour de France was een succes. Hij bewees drie weken constant te presteren in een Grote Ronde en zijn ploeg gaf solide steun. En reken erop dat hij nu precies weet wat te verwachten van de media en de rondtrekkende wielercircus.
Paul Seixas in de Tour de France
Paul Seixas in de Tour de France

Wat is de volgende stap voor de 19-jarige

Fysiek heeft hij rust nodig. Zijn ploeg bevestigde dat er de komende weken over contractverlenging wordt gesproken. We gaan daar niet op speculeren of hij bij Decathlon blijft. Wel is duidelijk: hij is een Franse renner in een Franse ploeg, en dat weegt mee bij prioriteiten rond Grote Rondes.
Fysiek heeft Seixas alle vakjes afgevinkt die hij vooraf kon wensen. Kon hij meteen mee met de explosies in week één wanneer Pogacar de gaskraan opendraaide? In grote lijnen wel, al verloor hij her en der wat seconden. Hoe doet hij het op lange beklimmingen? Hij kon Vingegaards tempo volgen op Le Markstein in etappe 14 en zat op de meeste andere klimmen keurig in de GC-groep.
Hij reed een stevige tijdrit aan het begin van de slotweek en toonde bravoure door Isaac del Toro aan te vallen op de voorlaatste etappe. Daarbij ging hij echter voor het eerst in zijn carrière over zijn toeren en verloor hij bijna twee minuten op de Mexicaan in de koninginnenrit. Een harde les, maar wellicht de enige barst die zichtbaar werd op het grootste podium.
De mentale en strategische lessen zijn misschien nog waardevoller. Deel je zijn seizoen in tweeën, dan zie je na de Tour de France het potentieel voor een volwassener en gevaarlijker Seixas.
Deel één loopt van Strade Bianche tot zijn val in de Tour Auvergne-Rhône-Alpes. In die periode surft Seixas op een golf. Na zijn eerste profzege probeert hij Pogacars demarrage op de witte wegen te volgen, haalt het net niet maar pakt vol vertrouwen de tweede plek voor de rest. Bij Faun Ardeche en de Ronde van Baskenland rijdt hij iedereen uit het wiel terwijl hij speels de klimmen aansnijdt. In La Flèche Wallonne zet zijn uppercut hem op scherp voor Luik.
In het monument markeert hij misschien een tussenpunt in een ontluikende rivaliteit met Pogacar door diens versnelling op de Côte de la Redoute te weerstaan, om uiteindelijk te plooien tegen een seismische prestatie. Zijn voorjaar bouwt een golf van momentum, gedragen door zelfvertrouwen en bravoure die alleen de jeugd bezit.
Hij crashte in een afdaling in etappe 7 van de Tour Auvergne-Rhone-Alpes, stapte een dag later alsnog uit, maar herstelde richting de Tour. In veel opzichten leek de Tour die we van Paul Seixas zagen totaal niet op de renner van het seizoensbegin.
Met de nadruk op energiebesparing uit vrees dat hij drie weken niet zou volhouden, zagen we een lichte overcorrectie: hij zette zelden zelf aan en koos vaker het wiel van anderen. Zijn gebruikelijke vlijmscherpe afdalingen waren schaarser, wellicht na zijn val in juni.
In essentie zagen we een student met een notitieboekje, in de hoop van Decathlon dat dit hem helpt zijn koers te leren lezen. Weten wanneer je moet aanzetten, wiens wiel je moet volgen en welke bocht je moet induiken, is koersinzicht dat tijd vergt.
Paul Seixas in etappe 8 van de Tour de France 2026
Fans willen Paul Seixas graag zien in de Tour de France 2027

Tour de France 2027

Logischerwijs willen fans Paul Seixas in de Tour de France 2027. Zijn ploeg en sponsors ook, en met de recente prestaties in het achterhoofd: hijzelf evenzeer. Maar voor zijn lange­termijnontwikkeling en zijn kans om La Grande Boucle te winnen, zou hij pas in 2028 moeten terugkeren.
Stel dat Paul Seixas terugkomt als een meer beheerste en verbeterde renner. Kan hij het enorme gat naar Tadej Pogačar dichten? Dicht hij in twaalf maanden een achterstand van pakweg tien minuten? Onwaarschijnlijk. Waarschijnlijker is dat de Sloveen opnieuw in de beste vorm van zijn carrière aan de start staat.
Realistischer is dat Seixas doorgroeit tot een renner die man-tegen-man kan met Jonas Vingegaard, Remco Evenepoel en Isaac del Toro. Dat zet hem opnieuw in de categorie tweede tot en met vijfde, maar met een stijgende lijn.
Sportief gezien is een podium op papier de logische stap voorwaarts die we in 2027 van Paul Seixas kunnen verwachten als iedereen op zijn best is in de Tour. Vanuit Frans perspectief is dat een succes, maar het is toch wat kortzichtig.
Een ander plan voor 2027 kan hem naar de Tour de France brengen als potentiële drager van het geel, aangescherpt en met sterkere steun om zich heen.

Richt op de Giro en Vuelta

Simpel gesteld: de Giro d’Italia en vervolgens zelfs de Vuelta a España kunnen om meerdere redenen een beter programma zijn voor Seixas volgend jaar. Allereerst: hij zou een reële kanshebber zijn om beide te winnen.
Spreekt een herhaling van de Tour 2026 met een vergelijkbaar resultaat en dezelfde dosis inspanning en stress Seixas aan? Of lonkt een roze trui, ritzeges en een actievere rol in de strijd om het algemeen klassement meer?
De propositie is eenvoudig. 21 of zelfs 42 extra dagen Grote Rondes in de benen. Misschien meerdere dagen in leiders- en jongerentruien, plus een handvol ritzeges. Beslissende moves maken als spil van de koers. Leidtjes verdedigen tegen aanvallers. Stuk voor stuk elementen die hij in de te verwachten Pogi-show van de Tour de France 2027 mogelijk minder ervaart.
Zelfs los van de Franse aantrekkingskracht van de Tour is het logisch dat de renner zijn status verstevigt. De periode tussen de Giro en Vuelta biedt bovendien ruimte voor een consistente blok training en rust midden in het seizoen voor doelen later in het jaar.
Voor Decathlon levert het een extra seizoen op om hun project rond Seixas verder te ontwikkelen. Romain Bardet krijgt meer tijd om te mentoren en twee transferwindows kunnen de klim- en rouleursteun versterken. Twee Grote Rondes rijden als een van de ploegen die etappes moeten controleren, zal eveneens waardevol zijn.
Wint Seixas de Giro of Vuelta als hij start? Dat is zeker mogelijk. Remco Evenepoel, Isaac del Toro en Jonas Vingegaard zouden aan het vertrek kunnen staan, maar zonder Pogačar stijgen zijn winstkansen aanzienlijk.
Het doel is dan vanzelfsprekend om in 2028 all-in te gaan voor de Tour de France. Een 21-jarige met al meerdere Grote Rondes in de benen, vertrouwd met de dynamiek en de druk die daarbij horen, gekoppeld aan zijn verwachte fysieke groei. Dat is een recept dat een Tadej Pogačar over twee jaar zeker nerveus maakt.
Ik kan redeneren wat ik wil, maar we moeten erkennen dat dit gaat over een Franse renner, bij een Franse ploeg, die de Tour de France wil winnen. Ironisch genoeg vergroot hij die kans juist door volgend jaar níet naar de Tour terug te keren.
Claps 0bezoekers 0
loading

Net Binnen

Meest Gelezen

Loading