Lennert Van Eetvelt heeft onthuld dat hij de
Tour de France rijdt met een gebroken rib, en legt uit welke problemen hem sinds de eerste rustdag parten spelen.
Een pijnlijke tegenslag
De Lotto-Intermarché-klimmer begon degelijk aan de ronde, maar zijn vorm kelderde snel na een val in de 10e etappe naar Le Lioran. Op ongeveer 100 kilometer van de finish ging de Belg tegen de grond, en sindsdien rijdt hij door de pijn heen.
“Ik heb dinsdag mijn rib gebroken en sindsdien probeer ik gewoon te overleven. Het komt en gaat. Soms voel ik me iets beter, maar in het algemeen is de Tour al zwaar genoeg als je volledig fit bent. Op dit moment is mijn doel simpelweg Parijs halen.”,
zei Van Eetvelt voor de start van etappe 14.
De blessure is opnieuw een harde klap voor de 24-jarige, wiens relatie met de Tour allesbehalve rechtlijnig is. Bij zijn debuut in 2025 moest hij opgeven na valpartijen op het Belgisch kampioenschap en opnieuw in de openingsweek van de Tour.
Lennert Van Eetvelt bij de ploegenpresentatie van de Tour de France 2026
De Tour uitrijden als hoofddoel
Met nog meerdere bergetappes te gaan weet Van Eetvelt dat het zwaarste deel nog komt. “Ik voel me eigenlijk beter op de fiets dan ’s nachts,” zei hij. “Het grootste probleem is wanneer ik voluit moet en diep ademhaal, want dan krijg ik een scherpe pijn. Ik merk ook dat mijn lichaam niet reageert zoals ik wil.”
Het hoge tempo van de voorbije etappes helpt niet. “Ik heb gisteren veel gevloekt omdat we zo hard reden,” zei hij. “Ik denk dat we in het eerste uur rond de 55 km/u gemiddeld hebben gereden. Dat ik nog bij het peloton kan blijven, toont dat het redelijk gaat, maar ik ben niet op 100 procent, en in de Tour moet je op 100 procent zijn.”
Daardoor moest de Belg zijn ambities volledig bijstellen. “Als het plots miraculeus beter wordt, ben ik heel blij,” besloot Van Eetvelt. “Maar dat verwacht ik niet.”