Demi Vollering keerde dit seizoen terug aan de top van het wielrennen en proefde in 2026 zelden van de nederlaag. Ze won de Tour de France Femmes, Giro d'Italia Women, Luik-Bastenaken-Luik, La Flèche Wallonne, de Ronde van Vlaanderen en meer. Toch stond ze op het punt dit seizoen volledig over te slaan na de extreme belasting van vorig jaar.
“Vorig jaar deed ik simpelweg te veel,” zei Vollering in een interview met The Athletic. “Op een bepaald moment was ik er helemaal klaar mee. Ik had mijn lichaam veel te ver geduwd en mentaal was ik misschien ook over mijn grens gegaan. Na de Tour de France van vorig jaar overwoog ik zelfs om een jaar pauze te nemen, omdat ik er helemaal geen plezier meer in had.”
Vollering nam na die betreffende Tour, waarin ze tweede werd achter Pauline Ferrand-Prévot, een week rust. “Maar daarna voelde ik dat ik nog steeds niet hersteld was. Daarom besloten we als team om de Tour de Romandie over te slaan en extra rust te nemen. In plaats van koersen ging ik met de camper de bergen in.”
“Ik hou echt van de bergen. Ik heb altijd van kamperen gehouden omdat je zoveel buiten bent. Zodra je wakker wordt heb je je voeten in het gras en breng je de hele dag buiten door om de omgeving te verkennen. Dat vind ik echt geweldig.”
Die terugkeer naar haar basis bleek precies wat de Nederlandse nodig had om na het teleurstellende blok opnieuw te beginnen. Zes weken later reed ze meteen met veel meer souplesse.
“Na de campertrip ben ik gaan hiken en was ik echt even offline. Daarna kreeg ik weer zin om op de fiets te stappen. Ik fietste gewoon, zonder doelen of verwachtingen. Ik was vrij,” aldus Vollering, die zich na een hoogtestage tot Europees kampioene kroonde.
“Ik werd Europees kampioene en ging met een geweldig gevoel de winter in. Ik denk dat dat me gered heeft. Daarna speelde de vraag of ik een jaar vrij zou nemen eigenlijk niet meer.”
Met die herwonnen frisheid raasde Vollering als een orkaan het seizoen 2026 in. Haar balans is indrukwekkend; in 29 koersdagen verzamelde ze 14 zeges. Alleen Tadej Pogacar komt daarbij in de buurt met 19 overwinningen in 37 koersdagen in het mannenpeloton.