De Nederlandse kampioenschappen vinden dit weekend plaats zonder een van de grootste namen in het peloton, en
Tom Dumoulin begrijpt precies waarom
Mathieu van der Poel niet aan de start staat in Nijmegen.
Alpecin - Premier Tech-kopman Van der Poel bereidt zich voor op de
Tour de France, die op 04.07.2026 start, na een wisselvallig klassiek voorjaar. Zonder monumentzege, maar met sterke uitslagen in Tirreno-Adriatico, Omloop en E3 Saxo Classic, hoopt de voormalig wereldkampioen zijn vonk opnieuw te doen overslaan in de Grand Boucle.
Nederlandse fans die hem dit weekend wilden zien, komen bedrogen uit: hij slaat het kampioenschap over. Op een overwegend vlak parcours dat sprinters bevoordeelt boven een klassiekerspecialist als Van der Poel, kan Tom Dumoulin de keuze goed plaatsen.
Nationale kampioenschappen geven de koers vaak een ander aanzien: toppers staan geregeld zonder volledige ploeg om zich heen, waardoor de kans dat de beste renner op papier ook wint kleiner is dan in een reguliere koers met hun trade team.
Dumoulin vraagt zich af of de beste renner wel kan winnen
“Visma | Lease a Bike staat ook aan de start met ik weet niet hoeveel renners,” zei Dumoulin in de
NOS Wielerpodcast, waarbij hij opmerkte dat die machtsontplooiing zijn kansen eveneens zou schaden.
“Tegen zoiets kan Mathieu doorgaans ook niet op. Het wordt dan een beetje gokken of je als beste renner in de koers kunt winnen.”
Dumoulin wees erop dat het parcours het lastig maakt om een beslissend gaatje te slaan: “Het parcours is lastig, maar niet zó lastig dat je iedereen op één klim lost.”
“Knullige” koers voor Van der Poel
Hoewel hij zelf tweemaal de Nederlandse titel op de weg won, noemt Dumoulin het vooruitzicht voor hem “knullig” – hij wijst erop dat renners die in het buitenland verblijven of met grote Tourdoelen rondrijden, niet snel warmlopen om mee te doen.
“Laten we eerlijk zijn: het NK is natuurlijk een knullige koers voor Mathieu van der Poel.”
Hij voegde toe: “Ik vind het echt jammer voor het NK, want ik heb het altijd een fantastische koers gevonden, en veel profs ook, maar Mathieu is zó’n grote renner geworden dat hij niet speciaal helemaal uit Spanje of België komt voor het NK, vlak voor de Tour de France. In zijn geval kan ik dat begrijpen.”