Er is een hardnekkige trend in het wielrennen: steeds eerder speuren naar talent en dat zo jong mogelijk ontwikkelen. Omdat scouts al bij de nieuwelingen naar uitblinkers zoeken, voelen renners de druk om zich op jonge leeftijd maximaal voor te bereiden. Maar supertalent
Jarno Widar waarschuwt dat coaches niet mogen vergeten dat jonge renners een andere aanpak nodig hebben dan doorgewinterde profs.
“Het moet leuk blijven, zeker voor jonge gasten. Precies daar wringt het. Het wordt te serieus,” steekt Widar van wal in zijn interview met wielermagazine Bahamontes.
De renner kijkt met plezier terug op zijn juniorentijd, waarin hij nog vrijheid genoot. Intussen behaalde hij topresultaten. “Ik ben blij dat ik vier jaar geleden junior was, en niet nu. Ik zat in een soort overgangsgeneratie.”
“Eén trainingskamp in de Vogezen is daar een goed voorbeeld van. Naast testresultaten was plezier ook belangrijk. Als we langs een tankstation reden, kon je er donder op zeggen dat we er allemaal met chocolade buitenkwamen,” lacht het talent.
Met voeding was ‘plezier’ echter niet aan de orde bij toenmalig bondscoach Carlo Bomans, herinnert Widar zich met een anekdote: “Hij haat chocolade. Ik herinner me een Nations Cup-koers. We hadden chocolade en ander junkfood op de ontbijttafel en Carlo werd kwaad: ‘Vijf jaar geleden had ik jullie allemaal naar huis gestuurd.’”
Met Pauwels waait er frisse wind
Er kwam verandering met de nieuwe bondscoach Serge Pauwels, die eind seizoen 2024 promoveerde. De oud-prof, die in 2020 stopte, komt uit een heel andere school dan de twintig jaar oudere Bomans, en Widar merkte meteen het verschil in aanpak:
“Serge Pauwels doet het anders,” legt de jonge renner uit over zijn vroegere mentor.
Dat Pauwels niet vies is van een zoete beloning, bleek na een zware etappe. “Toen we met de nationale ploeg naar de Tour de l’Avenir gingen, was Serge de eerste die zei: ‘Komaan mannen, we gaan allemaal naar McDonald’s!’ En hij trakteerde iedereen op een McFlurry.”
Dat grote contrast in begeleiding toont hoe het wielrennen worstelt met de opleiding van jonge atleten. Niet elke jongere bloeit op onder een mildere hand, maar Widar is duidelijk iemand die zulke kleine gestes waardeert.
“Hij benadrukt altijd dat we onszelf ook iets moeten ‘toestaan’, dat onze mindset ook belangrijk is als we willen presteren.”
Het seizoen 2026 is cruciaal in Widars loopbaan, met zijn profdebuut. Dat verloopt niet zonder hobbels, maar zijn resultaten – 4e in de koninginnenetappe van de Ronde van Zwitserland, onder meer – bevestigen zijn enorme potentieel voor de komende seizoenen. En intussen zal de Belg zijn trainingsritten af en toe blijven opluisteren met een stukje taart.